Je winkelmand (0)

Ben ik ziek omdat ik gezondigd heb?

Sommige mensen denken dat hun ziekte een straf is voor hun zonde. De discipelen van Jezus worstelden ook met deze vraag. Bayless Conley belicht een situatie uit de Bijbel en laat je het overtuigende antwoord zien dat Jezus geeft. Laat het jou ook bemoedigen – want God wil ook genezing en herstel brengen in jouw situatie!

Downloaden als PDF
  • En ik kan je evenmin genezen, net zomin als je predikant. Je predikant en ik zijn misschien kanalen waar Gods genezing doorheen stroomt. Of God gebruikt jou als kanaal. Maar je moet voorbij het kanaal kijken, naar Degene van Wie de genezing komt. Die komt van God. We moeten onze ogen op de Heer gericht houden. Soms begrijpen mensen dat niet goed. Ze kijken naar de evangelist, of de ene of andere persoon om ze genezing te brengen. Maar genezing komt van de Heer. Hallo. Ik ben Bayless Conley en ik wil graag wat dingen met jullie delen. We kijken naar een aantal heel interessante vragen die in de Bijbel gesteld worden. Niet over de Bijbel, maar vragen die erin gesteld worden. Die vragen gaan in het bijzonder over genezing. Heel belangrijk: als je naar Jezus’ leven kijkt, besteedde Hij een flink deel van Z’n tijd aan ’t bedienen en genezen van zieken. In de evangeliën lijkt het wel of Hij net iemand genezen heeft, bezig is iemand te genezen, of iemand gaat genezen. In Johannes 9:1 staat: “En in het voorbijgaan zag Hij iemand die blind was van de geboorte af. En Zijn discipelen vroegen Hem: Rabbi, wie heeft er gezondigd, hij of zijn ouders, dat hij blind geboren zou worden?”

    Daar is de vraag: Heer, heeft hij zelf gezondigd of is hij door de zonde van z’n ouders blind geboren? “Jezus antwoordde: Hij heeft niet gezondigd en zijn ouders ook niet maar opdat de werken van God in hem geopenbaard zouden worden. Ik moet de werken doen van Hem Die Mij gezonden heeft, zolang het dag is. Want er komt een nacht waarin niemand kan werken. Zolang Ik in de wereld ben, ben Ik het Licht der wereld.”

    “Nadat Hij dit gezegd had, spuwde Hij op de grond maakte slijk met het speeksel en streek het slijk op de ogen van de blinde en Hij zei tegen hem: Ga heen, was u in het badwater Siloam wat vertaald wordt met: Uitgezonden. Hij dan ging weg en waste zich en kwam ziende terug.”

    Jezus genas hem. Hij maakte hem niet opnieuw ziende, want hij had nooit gezien. Er viel niets te herstellen. Je kunt zeggen dat het een scheppingswonder was. Die man had nooit de zon zien schijnen. Hij had vogels horen zingen, maar ze nooit gezien. Net zomin als het gezicht van z’n moeder noch van z’n broers en zussen, als hij die had. Hij had nooit de prachtige tempel of wat dan ook gezien. En Jezus maakte hem weer ziende. Interessant genoeg stelden de discipelen deze vraag toen ze dat beseften: wie heeft er gezondigd? Hijzelf, of is hij door de zonde van z’n ouders blind geboren? Ik snap niet waarom ze denken dat hij zelf gezondigd kon hebben. Maar veel mensen denken dat je iets naars overkomt omdat je iets slechts gedaan hebt. Als je ziek bent, is dat omdat je zondig bent. Maar ziekte is niet altijd het gevolg van zonde. Soms blijkt ’t wel zo te zijn. Zonde kan de deur naar ziektes openzetten. Jezus zei tegen één man die Hij genezen had: “Zondig niet meer opdat u niets ergers overkomt.” De zonde kan dus de oorzaak zijn geweest en kan zeker leiden tot iets ergers dan de ziekte die hij eerder had. Dat begrijpen we wel. In de Bijbel lees je dat er geen ziekte was voordat de zonde in de wereld kwam. In Romeinen staat dat door de zonde de dood in de wereld gekomen is. Ziekte is maar het begin van de dood. Zodra God een nieuwe hemel en aarde maakt zal er geen duivel of zonde zijn en is er geen ziekte meer. Zonde en ziekte horen bij elkaar omdat ze door Adams zonde in de wereld zijn gekomen. Maar je mag niet aannemen, laat staan iemand ervan beschuldigen dat hij gezondigd heeft omdat hij ziek is. Zoals ik zei, kan het zeker het gevolg van een zonde zijn. Maar niet noodzakelijkerwijs. Bij die vraag vallen me een paar dingen op. Er staat dat Jezus een man zag. De discipelen zagen alleen een aanleiding voor een theologisch debat. Ze zagen hem als een experiment, en niet als mens. Maar Jezus zag hem als een man. Iemand die geschapen was naar Gods beeld. Hij zag iemand met intrinsieke waarde die meer was dan de geschapen aarde. Er staat: “Wat zal het een mens baten als hij heel de wereld wint en aan zijn ziel schade lijdt?” Eén mensenziel is meer waard dan de hele wereld. Dus Jezus zag een man, en zij vragen of hij zelf gezondigd had of dat hij door de zonde van z’n ouders blind was. En Jezus antwoordt: “Hij heeft niet gezondigd en zijn ouders ook niet.” Denk je eens in: “Hij heeft niet gezondigd en zijn ouders ook niet.” Dus hou op met je theologische debat en je giswerk en je wens om de schuld aan iemand toe te wijzen. “Hij heeft niet gezondigd en zijn ouders ook niet maar opdat de werken van God in hem geopenbaard zouden worden.”

    Maar als je het in het Engels leest lijkt het door de interpunctie dat Jezus zegt: ze hebben niet gezondigd, maar God heeft hem blind gemaakt zodat Hij verheerlijkt wordt door hem te genezen. “Opdat de werken van God in hem geopenbaard zouden worden.” Dat hoor ik eigenlijk best vaak van mensen: ‘Ik ben ziek ter ere van God.’ Als dat zo is, moet je genezen worden. Want je moet doorlezen: die man werd door de Heer genezen. Gods werken werden geopenbaard toen hij genezen werd. Dus als dat jouw geval is, kun je verwachten dat je genezen wordt. Maar ik wil je iets voorhouden: het Nieuwe Testament is helemaal in Griekse hoofdletters geschreven. Er stonden geen versnummers in de originele manuscripten en er was ook geen interpunctie. De vertalers hebben de versnummers en de interpunctie toegevoegd, gelukkig. De woorden zijn door God geïnspireerd. Die zijn Gods adem en accuraat. Maar de versnummers en de indeling in hoofdstukken zijn niet altijd accuraat. Soms begint de vertaler ten onrechte een nieuw hoofdstuk terwijl het verhaal nog doorloopt. Het verhaal in het nieuwe hoofdstuk houdt dan direct verband met het voorgaande. En soms kloppen de versnummers of de interpunctie niet. Dat was de taak van de vertalers. Luister er nu eens naar zonder de specifieke interpunctie van de meeste Engelstalige Bijbels. “Wie heeft er gezondigd, hij of zijn ouders, dat hij blind geboren zou worden? Hij heeft niet gezondigd en zijn ouders ook niet.” “Maar opdat de werken van God in hem geopenbaard zouden worden moet Ik de werken doen van Hem Die Mij gezonden heeft, zolang het dag is. Want er komt een nacht waarin niemand kan werken.” Dus Jezus zegt: ‘Ze hebben geen van allen gezondigd maar opdat Gods werken geopenbaard worden, moet Ik Zijn werken doen.’ Ik moet hem genezen, als Gods Werktuig op aarde. Ik moet werken zolang het dag is, want er komt ’n nacht waarin niemand kan werken. En als je de chronologie kent: het einde van Jezus’ bediening nadert. Het is maar een half jaar voordat Hij gekruisigd werd. Nogmaals: Hij heeft niet gezondigd en zijn ouders ook niet. Maar opdat Gods werken geopenbaard worden, moet Ik Zijn werken doen zolang er nog tijd voor is. “Want er komt een nacht waarin niemand kan werken. Zolang Ik in de wereld ben, ben Ik het Licht der wereld.”

    Dat had die blinde moeten horen: “Ik ben het Licht der wereld.” En Jezus opende z’n blinde ogen. Wat een verhaal. Sommige mensen debatteren terwijl er mensen lijden. Maar Jezus genas hem. Wees niet zo iemand die theologische debatten aangaat. Sommige mensen willen overal over debatteren. Jezus diende genezing toe. Daar gaat het om. Dat is Gods wens. God wil hen die lijden, opbeuren, verlossen en helpen. Hij wil niet dat we daar een religieus debat over opzetten. We moeten uitgaan en de werken doen van Hem Die ons gezonden heeft. Jezus zei in Markus 16:15: “Ga heen in heel de wereld, predik het Evangelie aan alle schepselen. Hen die geloofd zullen hebben, zullen deze tekenen volgen: In Mijn Naam zullen zij op zieken de handen leggen en zij zullen gezond worden.”

    Wij zijn nu Gods kanalen op aarde. Christus wil ons gebruiken om mensen genezing, zegening en herstel te brengen. We gaan nu door met een andere, interessante vraag. Hij staat in 2 Koningen 5, in het verhaal van Naäman, de Syriër. Die was een beroemde generaal had veel veldtochten gewonnen en was bevriend met de koning. Maar hij was melaats. Op een dag zei een dienstmeisje daar, een gevangen Israëlische, tegen z’n vrouw: als m’n meester in Israël zou zijn, is er een profeet die hem kan genezen. Naäman hoorde ervan, ging naar de koning en zei: volgens mijn dienstmeisje is er een profeet in Israël die me kan genezen. Dus de koning overlaadt hem met goud, zilver en gewaden en stuurt hem met een brief naar de koning van Israël. We gaan het verhaal zo vanaf dat punt volgen. Maar Naäman komt daar op zoek naar genezing. Eerst even een opmerking daarover. Hij had het kunnen afkappen en zeggen: zo’n tienermeisje weet toch nergens van? Wat een onzin. Hij had het kunnen afkappen, of zeggen: daar geloof ik niets van. Dan was het einde verhaal. Of hij kon zeggen: Israël is onze vijand. Ik heb veldtochten tegen ze ondernomen en tegen ze gevochten. Al was er een profeet die namens God mensen geneest mij geven ze toch niets. Ik ga mooi niet. Of hij dacht: hoe vind ik die man überhaupt in dat grote land?. Hij had het zo kunnen afkappen. Dus als het om genezing gaat, moet je er echt achteraan gaan. Je kunt zoveel redenen bedenken om het maar af te kappen. Maar ik wil je graag uitdagen. Wellicht zeg je: geef me geen ijdele hoop. Maar ik wil je juist hoop geven. In Hebreeën 11 staat: “Het geloof nu is een vaste grond van de dingen die men hoopt en een bewijs van de zaken die men niet ziet.”

    Ook vertaald als: “Geloof geeft vaste grond aan onze hoop.” Zonder hoop is het geloof hopeloos. Zonder hoop kan het geloof geen vaste grond bieden. Ja, ik wil je hoop geven. Denk maar aan Naäman: die ondernam een lange reis en ging op zoek. Hij klampte zich vast aan het kleinste nieuwtje. En uiteindelijk werd hij natuurlijk genezen. Vers 5 luidt: “Daarop zei de koning van Syrië: Kom, ga op weg. Ik zal een brief aan de koning van Israël sturen. En hij ging heen en nam tien talent zilver, zesduizend sikkel goud en tien stel gewaden met zich mee.”

    Dat is zo’n 70 kilo zilver. En een heleboel goud, en al z’n kleren, om voor z’n genezing te betalen. Verderop lees je dat je niet kunt betalen voor genezing. Als hij zich 7 keer in de Jordaan gewassen heeft is z’n vlees weer gezond en nieuw. En de profeet neemt z’n betaling niet aan. Je kunt niet betalen voor genezing. Het is een geschenk van God. Maar luister eens naar vers 6: “En hij bracht de brief bij de koning van Israël, waarin stond: Wanneer deze brief bij u aankomt zie, ik heb mijn dienaar Naäman naar u toe gestuurd opdat u zijn melaatsheid bij hem wegneemt.”

    “En toen de koning van Israël de brief gelezen had scheurde hij zijn kleren en zei: Ben ik dan God, om te doden en om levend te maken dat deze man iemand naar mij toe stuurt om zijn melaatsheid weg te nemen? Want, voorwaar, besef toch en zie in dat hij een voorwendsel tegen mij zoekt.”

    Als de profeet ervan hoort, laat hij hem natuurlijk bij zich komen en wordt Naäman de Syriër verderop van z’n melaatsheid genezen. Maar die vraag, die de koning van Israël eruit flapt: “Ben ik dan God, om te doden en om levend te maken dat deze man iemand naar mij toe stuurt om zijn melaatsheid weg te nemen?” “Ben ik dan God?” Kan ik soms genezen?. Dat lijkt me een redelijke vraag. Toen Naäman bij de profeet Elisa kwam kwam Elisa hem niet eens begroeten. Maar wat Elisa wel deed is dat hij Naäman in contact bracht met de levende God. Dan lees ik het volgende vers voor: “Toen keerde hij terug naar de man Gods, met zijn hele gevolg. Hij ging voor hem staan en zei: Zie toch, nu weet ik dat er op de hele aarde geen God is dan in Israël. Nu dan, neem toch een geschenk aan van uw dienaar.”

    Maar Elisa bracht Naäman in contact met Degene Die hem kon genezen. Hij stelde hem voor aan de levende God. En de koning van Israël zei: Ben ik dan God? Niet dus. En ik kan je evenmin genezen, net zomin als je predikant. Je predikant en ik zijn misschien kanalen waar Gods genezing doorheen stroomt. Of God gebruikt jou als kanaal. Maar je moet voorbij het kanaal kijken, naar Degene van Wie de genezing komt. Die komt van God, en we moeten onze ogen op de Heer gericht houden. Soms begrijpen mensen dat niet goed. Ze kijken naar de evangelist, of de ene of andere persoon om ze genezing te brengen. Maar genezing komt van de Heer. En de koning stelt een goede vraag: “Ben ik dan God?”. Ik ben niet Degene Die doodt en levend maakt. Ik kan hem niet genezen. Maar God in de hemel kon het wel, en Elisa bracht Naaman in contact met Hem. Dan dit, uit Handelingen. Er stond een man bij de fraaie tempelpoort, die genezen was. Iedereen kwam bij elkaar, uitzinnig van vreugde. Het verhaal gaat zo, in Handelingen 3:11: “En terwijl de kreupele, die genezen was, Petrus en Johannes vasthield stroomde al het volk bij hen samen in de zuilengang van Salomo en verbaasde zich. Toen Petrus dat zag, antwoordde hij het volk: Israëlitische mannen waarom verwondert u zich hierover, of waarom kijkt u ons zo doordringend aan alsof wij deze man door onze eigen kracht of godsvrucht hebben doen lopen?”

    Goede vragen.

    “De God van Abraham, Izak en Jakob, de God van onze vaderen heeft Zijn Dienaar Jezus verheerlijkt.”

    Petrus zei: Het was niet door onze kracht, maar God heeft dit gedaan. God heeft Zijn Dienaar Jezus hierdoor verheerlijkt. Wij moeten onze ogen op God en de Heer Jezus Christus houden. Ja, God maakt gebruik van menselijke kanalen. Hij geeft sommigen genezende gaven en gebood alle gelovigen handen op te leggen om zieken te genezen. Maar die kracht komt niet van onszelf. Petrus zei: Het kwam niet door onze kracht of godsvrucht dat deze kreupel geboren man nu kan lopen. Het kwam door de kracht van God, Die Zijn Zoon Jezus verheerlijkte. Hij gaat in het volgende hoofdstuk meteen zo verder. Ze worden min of meer op het matje geroepen. Handelingen 4, vers 8: “Toen zei Petrus, vervuld met de Heilige Geest: Leiders van het volk en oudsten van Israël. Als wij vandaag ondervraagd worden over de weldaad aan een zieke man bewezen waardoor hij gezond geworden is laat het dan bij u allen en bij heel het volk Israël bekend zijn dat door de Naam van Jezus de Nazarener Die u gekruisigd hebt maar Die God uit de doden opgewekt heeft dat door Hem deze man hier gezond voor u staat.”

    “Deze Jezus is de steen die door u, de bouwers, veracht werd maar Die de hoeksteen geworden is. En de zaligheid is in geen ander want er is onder de hemel geen andere Naam onder de mensen gegeven waardoor wij zalig moeten worden.”

    Of genezen worden. Zalig en genezen: hetzelfde Griekse woord. En genezing is vandaag ons thema. Jezus’ naam is aan de mensen gegeven, en door die naam worden we genezen. Maar we mogen nooit vergeten dat God de Genezer is. We vergissen ons als we naar de mens kijken. En de wrevel van de koning; hij zei dat de koning van Syrië gewoon ruzie zocht. Omdat hij hem niet kon genezen. En zo is het ook: Dat kunnen wij niet. Er was een man die bij ons naar de kerk ging. Een lieve man. En op een dag kwam ik naar de kerk en liep ik naar m’n kantoor. We hadden een soort terras op een verhoogd gedeelte tussen twee delen van het gebouw. Het deel met de kinderkerk en dat met onze kantoren. Hij wachtte op me bij de deur. Hij was dronken. Ik vroeg hem hoe het ging, en hij viel op z’n knieën greep me bij m’n benen en begon te snikken en me te smeken om hem te genezen. Genees me toch, alsjeblieft. Ik tilde hem bij z’n schouders op en zei: luister. Ik ben niet de Genezer. Jezus kan je genezen en verlossen van je alcoholisme. Hij kan alles, maar je moet je ogen op Hem richten. Het was een heel pijnlijk moment. Zoiets was me nog nooit overkomen. Hij klampte zich aan m’n benen vast en smeekte me om hem te genezen. Maar ik moest hem de waarheid vertellen: Ik ben niet de Genezer. Maar Jezus wel, en ik heb geprobeerd om hem in contact brengen met de Heer. Ik bad voor hem, en kort daarna kwam hij niet meer. Ik weet echt niet wat er met hem gebeurd is. Maar bedenk dat er een God is in de hemel Die jouw naam kent. Er is een God in de hemel Die je kan genezen en heelheid kan brengen en Die je familie heelheid kan brengen. Als jij je richt op een mens; het bemoedigt me als je gezegend bent door onze uitzending. We krijgen aldoor brieven en e-mails en we horen dolgraag de verhalen hoe mensen Christus gevonden hebben of dat hun huwelijk hersteld is en dergelijke. Daar zijn we heel dankbaar voor. Maar hou je ogen gericht op Jezus. Het is onze taak om jou in contact te brengen met Hem. Ik moet zorgen dat jij je ogen op Jezus Christus richt. Want Hij is de Heiland en de Genezer. Hij is Degene Die je heel kan maken. Er kijkt nu beslist iemand die wanhopig is. Je bent wanhopig op zoek naar dingen. Misschien dat je relaties keer op keer op keer stuklopen en denk je dat er iets mis is met je. En misschien sluipen er zelfs suïcidale gedachten in je hoofd. Denk er dan om: Je bent waardevol. Met iedereen is wel iets mis. We zijn allemaal werken in uitvoering. Maar God heeft mooie dingen voor je. Richt je ogen op Hem, want Hij kan je helpen. Hij kan je zielenrust geven en je de weg wijzen. Wat je vooral nodig hebt, is dat je heel bent in jezelf en door je relatie met Christus die heelheid vindt. Want voor een mooie relatie tussen man en vrouw heb je twee geheelde mensen nodig. Sommigeb voelen zich zo slecht dat ze iemand zoeken om ze heel te maken. Dan vind je iemand die halverwege is, net als jij en die twee halfjes worden samen niet heel. Twee halfjes halveren elkaar nog eens, met alle problemen van dien. Word iemand die compleet is in Christus en z’n zelfvertrouwen op Hem baseert. Het is niet verkeerd om getrouwd te willen zijn en een metgezel te willen. Maar je moet trachten om heel te worden en je zelfvertrouwen en je heelheid in Christus te vinden. Als God je dan een relatie schenkt, heb je veel meer te geven en hoeft een ander de gaten niet te vullen. Laat God dat maar doen. Misschien kijk je nu en heb je Jezus nooit als je Heer en Redder aangenomen. Ik ben bekeerd bij een straatzendingspost vol met daklozen, zwervers en drugsverslaafden. Ik had toen ernstige verslavingsproblemen, zo’n 47 jaar geleden. Ik hoorde ze het evangelie preken en was de enige die reageerde. Die avond kreeg God grip op m’n leven, en Hij heeft me veranderd. Ik ben uiteraard nog steeds een werk in uitvoering maar Hij heeft me compleet gemaakt. M’n geest, m’n ware ik, is opnieuw geboren. En Jezus zei: “Als iemand niet opnieuw geboren wordt kan hij het Koninkrijk van God niet zien.”

    En als je lichamelijk ziek bent: ik moedig je aan om in contact te komen met de God van de Bijbel. Lees de verhalen, want die brengen geloof in je hart. Laat God door Z’n woord tot je spreken. Niets is te moeilijk voor onze God. Jezus zei dat alles mogelijk is bij God. En ook dat alles mogelijk is voor hem die gelooft. Je geloof komt tot leven als je tijd in het woord doorbrengt. Romeinen 10:17: “Zo is dan het geloof uit het gehoor en het gehoor door Gods Woord.”

    Ook vertaald als: “Het geloof komt tot leven uit het gehoor en het gehoor door Gods Woord.” Ik kan eindeloos doorgaan, maar wil je moed inspreken. Je moet weten dat God je ziet, te midden van je dilemma’s en je situatie. Al heb je het over jezelf afgeroepen: God heeft je toch lief en wil je helpen. Als je ons nooit geschreven hebt: we horen heel graag van je. Als we een zegen voor je zijn, horen we dat graag. Ik wil degenen bedanken die ons steunen, in gebed en financieel. Ik moedig je ook aan om daarover te bidden. Help ons om de programma’s overal bij anderen te brengen. Dat doen we in vele talen overal op aarde. Uit de correspondentie en de reacties blijkt wel dat mensen geholpen worden door Gods woord. En daar kun jij bij horen. Tot volgende keer. Ik bid dat God je rijkelijk zegent. In Jezus’ naam, amen.

  • Geef een reactie

    Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Vond je de uitzending fijn?

Stuur het dan door of deel het op sociale media om anderen ook te bemoedigen!

Ook interessant voor jou?
artikelen

Geloof jij in genezing?

uitzending

Jezus: Gods Jubeljaar voor ons

Steun ons werk

Breng hoop naar de huiskamers – vooral in deze speciale tijd!

Vooral in onzekere tijden vinden we het een geweldige kans om mensen hoop te geven door Gods Woord.