Het wonder van Lazarus: Nieuw leven en de strijd om vrijheid
Het ontvangen van een nieuw begin is slechts het startpunt. De echte uitdaging begint wanneer we oude gewoonten en lasten moeten loslaten die ons nog steeds vasthouden. Het verhaal van Lazarus laat zien dat zelfs na een groot wonder de strijd om vrijheid doorgaat. Jezus herstelde Lazarus’ leven, maar vroeg hem ook om de grafwaden af te werpen – een krachtige metafoor voor de dingen die ons belemmeren, zelfs als we een nieuw begin hebben ontvangen. Bayless Conley neemt je mee in dit krachtige verhaal en legt uit hoe geloof, gebed en steun van anderen essentieel zijn om deze oude gewoonten los te laten en echt vrij te worden. Ontdek hoe je de strijd tegen negatieve invloeden kunt winnen en echte vrijheid kunt ervaren!
-
Fijn dat je erbij bent. We pakken de draad weer op van een verhaal dat je zal zegenen. Uit Johannes hoofdstuk 10 en 11. De opwekking van Lazarus uit de dood. Ik raad je aan om de tijd te nemen om Johannes 10 en 11 te lezen na deze boodschap. Trek de dingen die ik zeg na. Denk erover door. God zal je de Geest van wijsheid en openbaring geven in het kennen van Hem. Uiteindelijk, als jij Gods Woord ontvangt en in praktijk brengt zal Jezus Christus worden verheerlijkt. Stoelriemen vast en pak je Bijbel erbij. Laten we samen in Gods Woord duiken. En dan de vierde figuur in ons drama: Lazarus. Lazarus is gestorven. Hij is naar de boezem van Abraham gebracht. Stel je de opwinding voor als hij aankomt. Mozes vraagt aan hem: “Is het waar dat de Messias is gekomen?”. “Jawel, Hij was m’n beste vriend.”. Mozes vraagt: “En heeft Hij de wet vervuld?”. “Ja Mozes, Hij heeft de hele wet vervuld.”. Micha vraagt: “Lazarus, is Hij echt in Bethlehem geboren?”. “Klopt.”. Jesaja: “Is Hij uit een maagd geboren?”. “Dat klopt ook. Wonderbare Raadsman, Sterke God. Al die dingen, Jesaja.”. “Heeft Hij blinden de ogen geopend, zoals ik had voorspeld?”. “Dat heeft Hij allemaal gedaan, Jesaja.”. En dan David: “De goede Herder die ons naar grazige weiden leidt?”. “Ja David, dat is Hij.”. Iemand roept: “Die nieuweling had het al over Hem. Johannes de Doper is hier net.”. Johannes roept: “Dat heb ik toch gezegd? Hij is m’n neef.”. En dan zegt Maleachi: “Johannes ik was de laatste die over Hem profeteerde voordat jij verscheen. De Geest kwam over me en ik zei dat de Zoon van de gerechtigheid zou komen met genezing in Zijn zoom. Is het ook zo gegaan?”. En Lazarus: “Je hebt geen idee, Maleachi. Hele menigten beroerden die zoom en werden genezen. Er was een dame die al twaalf jaar bloedvloeiingen had. Ze kroop door een menigte naar Hem toe en greep de zoom van Zijn kleed vast. Hoorden jullie dat?”. “Nee, we hebben niks gehoord.”. “Ik moet gaan. Hij roept me. Jezus roept me.”. Hij verdwijnt en wordt wakker in z’n lichaam. In de graftombe, gewikkeld in een lijkwade. Daar zit een les voor ons in verborgen. Lazarus was weer tot leven gewekt, maar was nog gebonden. Vanbinnen leeft hij, maar naar buiten toe is hij gebonden. Er zijn in ons huis velen die zijn wedergeboren. Ze hebben het eeuwige leven, maar zijn nog gebonden aan de lijkwade van hun oude leven. Aan oude zondige gewoonten. Die lui zijn niet gered, vinden sommigen. Wees maar liever voorzichtig met oordelen over nieuwe gelovigen. Ze zouden de lamp van het eeuwige leven in hun borstkas kunnen hebben. Ze dragen alleen nog grafkleren. Ze zijn alleen nog gebonden door de grafkleren van hun oude leven. Ze gaan naar de kerk, maar worstelen met een slechte gewoonte. Hun voeten zijn gebonden. Ze willen hun handen uitsteken, maar die zijn gebonden. Ze willen de waarheid van het evangelie begrijpen, maar hun gezicht is bedekt. “Waarom doet Jezus niets?”. Maar dat is onze taak. Jezus zegt: “Maak hem los en laat hem gaan. Ik heb hem tot leven gebracht. Jullie maken hem los en laten hem gaan.”. Hoe we dat doen? Door hem een christelijk leven voor te leven. Ze moeten aan ons kunnen zien wat het betekent om je op God te verlaten. Ze moeten aan ons kunnen zien wat het is om een lieve vader en echtgenoot te zijn. Wat het is om Christus met alles te dienen en enthousiast te zijn over God. Nieuwe bekeerlingen moeten daarmee omgeven zijn. En we moeten hun Gods Woord onderwijzen. “Jezus zei: Als u in Mijn woord blijft, bent u werkelijk Mijn discipelen.”. Toen ik werd gered… Dit klinkt misschien raar. Toen was ik nog in een lijkwade gehuld. Ik droeg een lijkwade uit m’n oude leven. Ik was bang voor de duivel. Vanwege de dingen waar ik voordien in verwikkeld was wist ik eerder dat demonen bestonden dan dat Jezus bestond. Echt waar. Ik had kennisgemaakt met de wereld van de geesten. Ik werd gered, maar er bleef angst aan me kleven. Ik was bang voor de duivel. Het was net een keffend hondje dat me alsmaar volgde. Dat was wat ik voelde bij het wakker worden en voor het slapen gaan. Maar ik deed iets goeds. Voor 35 cent kocht ik een bijbel. Ik woonde boven een bar, zonder elektra. Bij kaarslicht sloeg ik aan het lezen. Ik las en las, de hele Genesis en Exodus. Spannend. In Leviticus liep ik vast. Maar ik zette door. Ik weet niet precies wanneer, maar twee, drie maanden later besefte ik ineens dat het weg was. De angst was weg. Dat is 50 jaar geleden en het is nooit teruggekomen. Maar in die geestenwereld had je me in een lijkwade gezien. Ik was gered, maar dat gedoe uit m’n oude leven bleef kleven. We moeten hun Gods Woord geven. Ten derde: veel bidden voor nieuwelingen. Als je iemand ziet worstelen, bid dan voor hem. Paulus schreef aan de Efeziërs: “Ik hoor dat u tot het geloof gekomen bent en gedenk u steeds in mijn gebeden.”. Wij bidden dan niet meer voor iemand, maar Paulus verdubbelde zijn gebed. Wij moeten juist bidden voor de nieuwe christenen onder ons. Jezus zei: “Maak ze los en laat ze gaan. Ik ga jullie gebruiken om hen de waarheid te brengen, om te helpen en te bevrijden.”. Stel je voor hoe Lazarus naar de voorkant van z’n graf schuifelt. Zo zijn sommige van deze bekeerlingen. We weten niet wat voor dingen mensen meeslepen. God wil dat jij hen helpt. God gebruikt jou om hen de ogen te openen zodat ze God met hun hele leven kunnen dienen. De vijfde figuur in ons drama is de duivel. “Die wordt toch niet genoemd?”. Hij is er wel degelijk bij. En dat zal ik bewijzen. In Johannes 8 spreekt Jezus een paar Joden toe die Hem willen doden. Johannes 8:37, Jezus zegt daar: “Ik weet dat u Abrahams nageslacht bent. Maar u probeert Mij te doden, omdat Mijn woord in u geen plaats krijgt. Ik spreek over wat Ik bij Mijn Vader gezien heb; u doet wat u bij uw vader zag. Zij zeiden: Abraham is onze vader. Jezus zei: Als u Abrahams kinderen was, zou u de werken van Abraham doen. Maar nu probeert U Mij te doden een Mens Die de waarheid van God tot u gesproken heeft. Dat deed Abraham niet. U doet de werken van uw vader. Zij zeiden: Wij zijn niet geboren uit hoererij; wij hebben één Vader, God. Jezus zei: U bent uit uw vader de duivel, en wilt de begeerten van uw vader doen. Die was een moordenaar van het begin af, en er is in hem geen waarheid.”.
Volgens Jezus probeerden ze Hem dus te vermoorden omdat ze werden beïnvloed door hun vader, de duivel, de moordenaar. Zij deden de werken van hun vader. Jezus zei dat het kwam door de invloed van de duivel dat ze Hem wilden vermoorden. De duivel is niet alleen een moordenaar en een leugenaar. Hij kan nog iets anders. Iets wat bij zijn karakter past. Hij veroorzaakt ziekte. In Lukas 13:11 staat: “Er was een vrouw…”
In de synagoge. “En zie, er was een vrouw die achttien jaar lang een geest had die haar ziek maakte en zij was kromgebogen en kon zich in het geheel niet oprichten.”. Vers 16: Jezus zei: “En moest dan deze vrouw een dochter van Abraham die de satan achttien jaar gebonden had niet losgemaakt worden van deze band?”.
Volgens Jezus was satan degene die haar ziek en gebonden hield. Dit is een van de vele voorbeelden van een boze geest die een ziekte veroorzaakt die aan de duivel wordt toegeschreven. Handelingen 10:38 luidt: “God zalfde Jezus van Nazareth met de Heilige Geest en met kracht. Hij ging het land door en genas allen die door de duivel overweldigd waren.”.
Zeker niet alle ziekten zijn het gevolg van rechtstreeks ingrijpen van de duivel. Maar wie beweert dat dat nooit het geval is, negeert de Heilige Schrift. Met name in Mattheüs, Markus, Lukas en Johannes lezen we voorbeelden. Laten we met dat in ons achterhoofd het gordijn opzij schuiven en achter de coulissen een andere wereld in kijken. Er was een hoop gaande. We zijn vanochtend begonnen in Johannes hoofdstuk 10. De Joden zijn woedend en ze proberen Jezus te stenigen als Hij in Judea is. Wie zit daarachter?. Volgens Jezus de duivel. Volgens Jezus zijn ze rechtstreeks beïnvloed door de duivel. Dus Jezus vertrekt uit Judea naar Bethabara waar Johannes begon te dopen. Wat ik nu ga vertellen, is de uitkomst van m’n eigen gedachten. Je hoeft het niet aan te nemen, maar denk er in elk geval over na. Stel je voor dat de duivel denkt: het was me bijna gelukt. Ik had ze al flink opgeruid. Ik wist zeker dat ik Hem nu kon vermoorden, maar Hij is weer ontsnapt. Ik moet zorgen dat ik Hem terug lok, zolang zij in de greep zijn van haat en moordlust. Hoe krijg ik dat voor elkaar?. Wacht eens even. Martha, Maria en Lazarus wonen hier. Hij is dol op hen. Als Hij hoort dat een van hen op sterven ligt komt Hij vast en zeker terug om hen bij te staan. Ineens lezen we dat Lazarus doodziek wordt. Er gaat een bericht naar Jezus: “U moet terugkomen. Hij die U liefhebt, is ziek.”. In het Grieks is hij niet zomaar ziek, het wordt steeds erger. Een dringende boodschap. “Er is een crisis gaande, Jezus. U moet komen.”. In 2 Korinthe 2:11 staat we niet onwetend zijn over de strategieën van de duivel. En dan zijn we nu beland bij de belangrijkste figuur in ons drama: Jezus zelf. De boodschappers arriveren. Jezus zegt dat de ziekte niet tot de dood zal leiden. “Opdat de Zoon van God erdoor verheerlijkt wordt.”. Dat was boodschap van Jezus. Dat was de boodschap voor Martha en Maria. Het resultaat zou leven zijn. Jezus houdt oprecht van Lazarus, Martha en Maria. Het zijn boezemvrienden. Hij weet dat ze op Hem rekenen. Zijn menselijke kant dwong Hem naar hen toe te gaan. Maar Jezus liet Zich nooit door Zijn emoties leiden. Hij werd niet gedreven door angst of wanhoop of wat anderen van Hem vonden. Dus Hij bleef nog twee dagen in Bethabara. En ineens zegt Hij: “We gaan terug.”. De discipelen protesteren. “De Joden probeerden U wel te vermoorden. Wilt U echt terug?”. En als Hij Zich er niet vanaf laat brengen zegt Thomas: “Dan gaan we wel mee om te sterven. Als Jezus doodgaat, gaan wij ook gewoon dood.”. Ze verwachten dat ze vermoord gaan worden. En dit was de reactie van Jezus in vers 9 : “Jezus zei: Zijn er niet twaalf uren in de dag?. Als iemand overdag loopt, stoot hij zich niet omdat hij het licht ziet. Maar als iemand ’s nachts loopt, stoot hij zich omdat het licht niet bij hem is.”.
“Dat is allemaal prachtig, Jezus. Maar waar slaat dat eigenlijk op?. Wat is dat nou voor reactie?”. Het is juist geweldig. Jezus bedoelt het overdrachtelijk. Hij bedoelt: “Ik krijg licht van de Geest. Ik weet dat we veilig kunnen teruggaan. Als we waren teruggegaan toen ik geschokt was en niets liever wilde dan teruggaan hadden we in het duister gelopen. Maar Ik heb licht van God ontvangen.”. Overdag kun je veilig lopen, maar ’s nachts stoot je je aan het aanrecht. Diezelfde begeleiding is voor iedere gelovige beschikbaar. “Wie door de Geest wordt geleid, is een kind van God.”. En: “Als de Geest komt, zal Hij de toekomstige dingen aan u verkondigen.”. God wilt dat we in het licht wandelen. Maar we zijn vaak zo druk. We laten ons meeslepen door emoties en nemen overhaaste beslissingen. We moeten rustig aan doen, naar God luisteren en bidden. Hij zal voorkomen dat we struikelen. Op m’n tweede afspraak met Janet gingen we lunchen bij The Silver Plow. Een leuke lunchtent, zeker voor mijn budget. Meer zat er niet in. Op de dag dat we hadden afgesproken kreeg ik ineens ontzettende trek in Chinees eten. Ik moest denken aan een tentje in de buurt. Niet eens geweldig goed. Het was zo eigenaardig dat ik dacht: zit U hierachter, God?. Waarom moet ik naar de afhaalchinees?. Ik zei niet tegen Janet: “We gaan naar de Chinees.”. Ik liet de keus aan haar over, en zij zei: “Ik wil naar The Silver Plow.”. We gingen lunchen en toen we buiten kwamen, keek ik naar m’n busje. Ik zei: “Zo scheef parkeer ik niet.”. Bleek dat een biertankwagen niet op de rem had gestaan helemaal de heuvel af was gereden tegen mijn busje aan en dat opzij had gedrukt. “Die Chinees, daar zat U achter, God.”. Ik kan je het ene na het andere verhaal vertellen. Vaak pakte ik het goed aan. En een enkele keer deed ik dat dus niet. Neem van mij aan, de Geest wil ons leiden. God wilt dat we in het licht wandelen en niet in het donker. Dus Zijn reactie was: “Zijn er geen twaalf uren in de dag?. Overdag zul je je niet stoten.”. God wil ons verlichten. Dat is heel belangrijk. Toen Jezus aankwam, weende Hij. Uit medelijden met onze zwakheden, staat er. Hij zag wat de dood van hun broer betekende. Martha is diepbedroefd. Maria is er kapot van, de Joden weenden, en Jezus ook. Dat is het kortste vers uit de Bijbel: “Jezus weende.”. Er staat tweemaal dat Jezus heftig bewogen was. Heel interessant. Hij zag wat de dood voor diepe droevigheid en verlies met zich meebrengt. En Hij was diep bewogen. Het Griekse woord daarvoor is hetzelfde als voor een paard dat snuift. Het geluid van een paard dat snuivend trappelt om de strijd aan te gaan. De dood was voor Jezus een oproep om ten strijde te trekken. De dood was geen vriend. En Hij won die strijd door Lazarus te laten opstaan. Maar Lazarus zou nog altijd oud worden en uiteindelijk sterven. Jezus won de eindstrijd tegen de dood aan het kruis. Hij schonk het eeuwige leven aan wie z’n vertrouwen in Hem stelt. Hij zal ons een lichaam schenken als het Zijne, niet onderworpen aan ziekte en dood. God zij dank. En voor wie dierbaren heeft verloren: Zij zijn bij de Heer en wij zullen met hen herenigd worden. Ze zijn heel erg in leven. Ik wil graag afsluiten met de woorden die Jezus tot Martha sprak. “Ik ben de Opstanding en het Leven. Wie in Mij gelooft, zal leven, ook al was hij gestorven. Wie leeft en in Mij gelooft, zal niet sterven in eeuwigheid. Gelooft u dat?”. Ik vraag jullie: Geloven jullie dat?. Het gaat niet om jouw goede werken. Al zijn die nog zo lofwaardig. En de offers die je brengt. De vraag is: Wat heb je met Gods Zoon gedaan?. We worden niet gered vanwege onze goede werken en onze verdiensten. Alleen door wat Christus deed. En heb jij Hem tot de Heer van je leven gemaakt?. Heb je de teugels van je leven aan Jezus overgedragen?. Ben je gestorven aan je recht om onafhankelijk te leven?. Dat zijn de voorwaarden waar we ons aan moeten houden. Ik ga zo met jullie bidden. Voordat ik begon te spreken, voelde ik dat er hier iemand is met iets zwaars dat op z’n borst drukt. Iets wat je bijna verstikt. En Jezus zal die steen vandaag van je wegnemen. Neem van mij aan: dat gewicht verdwijnt. Je bent misschien een verloren zoon of dochter. Er is een moment geweest dat je je leven aan Jezus schonk en Hem liefhad. Je werd overweldigd door Zijn liefde. Maar misschien ging je met de verkeerde mensen om of nam je foute beslissingen. Je bent afgedwaald. En als de Heer vandaag terugkeerde, zou je je schamen. Ik heb geweldig nieuws voor jou. God is niet boos op je. Maar je moet naar huis terugkeren. Stel het niet uit. De Vader wacht op je. Als je je leven nooit aan Christus hebt gegeven zal Hij je niet afwijzen. Ik ga jullie voor in een simpel gebed. Woorden zijn belangrijk, maar er moet wel een oprecht hart achter schuilgaan. Als je de woorden oprecht tot God spreekt, komt Hij naar je toe. Zeg maar: Jezus, ik kom naar U toe. Ik geloof dat U mij liefhebt. U hebt me zo lief dat U bereid was voor me te sterven. Door mijn zonden kwam U aan het kruis. U was bereid mijn schuld te betalen. Dank U. Ik geloof dat U uit de dood bent opgestaan. Ik geef U mijn leven. Ik geef U mijn overwinningen en mijn troep. Ik leg alles in Uw handen, Jezus. Alles wat ik ben en wat ik heb, geef ik aan U. En voortaan noem ik U Heer. Mijn leven is van U, Jezus. In Uw naam bid ik, amen. Ik hoop dat jij je hart hebt geopend voor de Heer Jezus Christus. Hij houdt van je en heeft plannen voor goede dingen in je leven. Een toekomst en hoop. Het zou een zegen voor mij zijn als je me zou schrijven. Stuur me een e-mail of een ouderwetse brief. Laat me weten of deze uitzending in welke vorm dan ook een zegen voor je is. Ik geef het door aan ons team. Dat zal ook voor hen een zegen zijn. Dus als je wat tijd kunt vrijmaken, stuur me een e-mail. Laat me weten of we een zegen waren. We zullen boodschappen blijven sturen. Ik sluit af met een bedankje voor wie voor ons bidt en ons geld schenkt. Jullie stellen ons in staat Gods Woord te verspreiden. God zegent jullie.
-
mis geen enkele uitzending
Onze service voor jou: we sturen je wekelijks een email met de link naar de nieuwste uitzending.
Hoe je kunt bidden als alles je overweldigt
Velen van ons ervaren stress in het dagelijks leven, we hebben last van de huidige situatie in de wereld, of we laten ons afleiden. Dit kan er snel toe leiden dat ons gebed, dat helemaal bovenaan ons prioriteitenlijstje zou moeten staan, pas ons laatste redmiddel wordt. Als jij je ook zo voelt en daar verandering in wilt brengen, kijk dan met mij mee in het eerste boek van Samuel. Daar vinden we het verhaal van Hanna. Van deze indrukwekkende vrouw van geloof kunnen we veel leren over hoe we ons doel in gebed kunnen bereiken.
Breng hoop naar de huiskamers – vooral in deze speciale tijd!
Vooral in onzekere tijden vinden we het een geweldige kans om mensen hoop te geven door Gods Woord.
naar de preektekst
Als je ook regelmatig updates van Bayless wilt ontvangen, vul dan hier je e-mailadres in. Om technische redenen is dit ook nodig als je alleen het script wilt ontvangen.
Geef een reactie