Je winkelmand (0)

Wat moet ik doen om te genezen?

Wat moet ik doen voordat God mij geneest? Helpt het om een “goed christen” te zijn of om gewoon veel te bidden? Bayless beantwoordt deze belangrijke vraag en laat zien wat er in ons leven aanwezig moet zijn om genezing van God te ontvangen. Aan de slag!

Downloaden als PDF
  • Zo gebeurden wonderen in de kerk in de vroegste beginjaren en zo gebeuren er ook tegenwoordig wonderen: doordat je de boodschap van het evangelie gelooft, en niet door goede werken. Niet omdat je elke dag een uur bidt, ook al helpt het wel en niet omdat je een half uur de Bijbel leest, al helpt dat zeker. Niet omdat je de hond geen schop geeft of iets onaardigs zegt en niet omdat je je aan de wet houdt of omdat je je zo goed gedraagt. Maar vanwege je geloof. En natuurlijk beïnvloedt het je gedrag als je Christus omarmt; dat verandert je van binnenuit. De wet wil je in een keurslijf dwingen, maar genade verandert je van binnenuit. Door het geloof in de boodschap van het evangelie kunnen wonderen gebeuren, niet door goede werken en niet door de wet te houden. In de vorige uitzending zijn we begonnen met vragen die in de Schrift gesteld worden door God, door de Heer Jezus, en soms door een profeet of een gewoon mens. Vragen die te maken hebben met het onderwerp genezing. Vandaag beginnen we in Handelingen 4. Een man was al sinds z’n geboorte verlamd en had nooit gelopen. Hij werd genezen, en dat trok de aandacht van iedereen. De religieuze leiders en de kerk keken ervan op en de man zelf liep en sprong rond en prees God. De religieuze leiders riepen Petrus en Johannes op het matje en zij kregen deze vraag te horen: “En toen zij hen in het midden hadden gezet, vroegen zij: Door welke kracht of door welke naam hebt u dit gedaan?”

    Was dit de kracht van het brein over de materie? Nee, het was de kracht van Christus over ziekte. In vers 10 geeft Petrus heel direct antwoord: “Laat het dan bij u allen en bij heel het volk Israël bekend zijn dat door de Naam van Jezus Christus, de Nazarener Die u gekruisigd hebt, maar Die God uit de doden opgewekt heeft dat door Hem deze man hier gezond voor u staat.”

    Door de naam van Jezus en door geloof in die naam is hij genezen. En de naam van Christus is aan Zijn kerk gegeven. In het laatste hoofdstuk van Markus 16 zegt Jezus: “Ga heen in heel de wereld, predik het Evangelie aan alle schepselen. Wie geloofd heeft en gedoopt is, zal zalig worden maar wie niet geloofd heeft, zal verdoemd worden. En hen die geloofd hebben, zullen deze tekenen volgen: In Mijn Naam zullen zij demonen uitdrijven en op zieken zullen zij de handen leggen, en die zullen gezond worden. Slangen zullen zij oppakken en als zij iets dodelijks drinken, zal het hen beslist niet schaden.”

    Dat is een fijne belofte als je op het zendingsveld bent als je Jezus gehoorzaamt en het evangelie naar alle uithoeken van de wereld brengt. Ik zat ooit ergens in een paar bergdorpjes en kreeg dingen voorgezet die ik niet wilde eten. Eén keer kreeg ik dingen te eten en te drinken in een indianendorpje ergens in de bergen in het Mexicaanse binnenland. Ik had daar gepreekt en was samen met een meneer uit Mexico-Stad. Hij wilde het niet eten en zei dat ik het niet moest doen omdat ik er ziek van zou worden. Ik luisterde naar hem en keek toen naar m’n gastheer, de stamoudste van het dorp. Ik had net gepreekt over een wonder van Jezus en hij was heel blij met het eten dat ze gemaakt hadden. Maar m’n vriend uit de hoofdstad zei dat ik er doodziek van zou worden. Ik dacht: ik ga m’n gastheer niet beledigen. “Eet dan alles wat u wordt voorgezet, zonder navraag, omwille van het geweten.”

    En Jezus zei: ‘Iets dodelijks zal je beslist niet schaden’, in de context van het preken van het evangelie. Het was precies die context, en dus glimlachte ik, bedankte m’n gastheer, nam een grote hap, dronk m’n hele beker leeg en ben niet ziek geworden. God had me beschermd; die dingen gebeuren in Jezus’ naam. Petrus zei: Wil je weten door welke kracht en naam dit gedaan is? Het is gedaan door Jezus Christus. Hij was en Hij is een Genezer. Dan komen we bij een andere vraag, uit Galaten 3, vers 5: “Als Hij, God, u de Geest verleent en krachten onder u werkt doet Hij dat dan omdat u de wet volgt, of omdat u het evangelie gelooft?”

    Dus als God je de Geest verleent en wonderen onder je verricht, is dat dan omdat je de wet houdt of omdat je de boodschap van het evangelie gelooft? Is het vanwege je werken of vanwege je geloof? En het antwoord komt in vers 6: “Het is zoals bij Abraham, die in God geloofde.”

    Zo gebeurden wonderen in de kerk in de vroegste beginjaren en zo gebeuren er ook tegenwoordig wonderen: doordat je het evangelie gelooft, en niet door goede werken. Niet omdat je elke dag een uur bidt of een half uur de Bijbel leest, al helpt dat zeker. Niet omdat je je zo goed gedraagt, maar vanwege je geloof. Natuurlijk beïnvloedt het je gedrag als je Christus omarmt; dat verandert je van binnenuit. De wet wil je in een keurslijf dwingen, maar genade verandert je van binnenuit. Door het geloof in de boodschap van het evangelie kunnen wonderen gebeuren, niet door goede werken en niet door de wet te houden. In z’n antwoord schrijft Paulus aan de Galaten dat het is zoals bij Abraham, die in God geloofde. Hoe zat het met Abraham? Romeinen 4:17 zegt: “Zoals geschreven staat: Ik heb u tot een vader van vele volken gemaakt.”

    Dat zei God tegen Abram en Hij veranderde z’n naam in Abraham, ‘vader van volken’, en de naam van Sarai in Sara, ‘jonge prinses’. En ze waren bejaard; zij was te oud om kinderen te krijgen en was haar hele leven onvruchtbaar. En God zegt: ‘Ik heb u gemaakt’, dus in de voltooide tijd. Door hun namen te veranderen, stond Hij ze toe om hetzelfde te doen. Telkens als Abraham zichzelf zo noemde, noemde hij de dingen niet zoals ze waren, maar in de voltooide tijd alsof het al gebeurd was. En dat doet geloof. Op een gegeven moment moet je het in de voltooide tijd zetten, niet pas wanneer het realiteit wordt. Jezus zei in Markus 11:24: “Alles wat u biddend begeert, geloof dat u het ontvangen hebt en het zal u ten deel vallen.”

    Als ik geloof dat ik het ontvangen heb, heb ik het ook. Ik hoef het niet eerst te hebben en dan te geloven; ik moet geloven dat ik het ontvangen heb. God heeft het antwoord in je hart gegeven. Als ik geloof dat het mij is gegeven, ga ik God bedanken dat het gedaan is. Iemand zegt misschien dat hij nog steeds krom loopt, maar Abraham deed hetzelfde omdat God het in de voltooide tijd had gezegd. Geloof doet hetzelfde. De vraag aan de Galaten was hoe God wonderen werkt. Net als bij Abraham: hij vertrouwde op God. Romeinen 4:17 zegt over Abraham: “Zoals geschreven staat: Ik heb u tot een vader van vele volken gemaakt. Dit was hij tegenover Hem in Wie hij geloofd heeft, namelijk God Die de doden levend maakt, en de dingen die er niet zijn, roept alsof zij er waren.”

    Als God dingen roept alsof ze er zijn, staat Hij jou toe hetzelfde te doen. Geloof doet hetzelfde. Abraham hoopte tegen alle menselijke hoop in dat hij een vader van vele volken zou worden overeenkomstig wat gezegd was. Hij heeft er niet op gelet dat zijn lichaam al verstorven was en dat ook de moederschoot van Sara verstorven was. Het kon niet gebeuren, maar hij geloofde het overeenkomstig wat gezegd was. “Hij twijfelde niet aan Gods belofte, maar werd gesterkt in het geloof terwijl hij God de eer gaf.”

    Hij prees God om de zegening, al voor die plaatsvond. Precies zo gebeuren wonderen tegenwoordig in de kerk: door te geloven overeenkomstig wat God gesteld heeft en niet overeenkomstig hoe wij ons voelen. Ze gebeuren door het Woord te geloven dat gepreekt is, niet omdat ik het verdiend heb. Ons gedrag is belangrijk, maar het is vanwege het geloof dat God wonderen doet.

    Deze vraag komt uit Mattheüs 9:27:

    “En toen Jezus vandaar verderging, volgden Hem twee blinden die riepen: Zoon van David, ontferm U over ons.”

    Twee blinden volgden Hem, wat niet mee valt voor een blinde. In veel verhalen zie je dat mensen proactief actie ondernamen om naar Jezus toe te komen. Niet van: God weet wel waar ik woon. Vers 28: “Toen Hij in huis gekomen was, kwamen de blinden naar Hem toe. En Jezus zei tegen hen: Gelooft u dat Ik dat kan doen? Zij zeiden tegen Hem: Ja, Heere. Toen raakte Hij hun ogen aan en zei: Het zal u gaan naar uw geloof. En hun ogen werden geopend.” Ze deden na hun genezing niet wat Hij zei, maar Hij zei: “Naar uw geloof”. Hun geloof was bewezen doordat ze Hem hadden opgezocht. Jezus vroeg ze of ze geloofden dat Hij dat kon doen. Als je de meeste mensen vraagt of God kanker kan genezen of de blinde ziende kan maken, antwoorden ze ja. Dat brengt ons bij een andere belangrijke vraag in Mattheüs 8:1: “Toen Hij van de berg afgedaald was, volgde een grote menigte Hem. En zie, er kwam een melaatse. Die knielde voor Hem neer en zei: Heere, als U wilt, kunt U mij reinigen.”

    Hij wist dat de Heer het kon, maar de vraag was of de Heer ertoe bereid was. Daar struikelen mensen vaak: ze weten dat God het kan, maar is het Zijn wil? “En Jezus stak Zijn hand uit, raakte hem aan en zei: Ik wil het. Word gereinigd. En meteen werd hij van zijn melaatsheid gereinigd.”

    God toonde Zijn bereidheid om ons te genezen door Z’n Zoon Jezus te sturen en door de striemen op Jezus’ rug. Zonder bloedvergieten is er geen vergeving van zonden; Christus heeft de prijs betaald met Zijn dood. Maar Jezus had een relatief pijnloze dood kunnen sterven om Z’n bloed te vergieten. Waarom stond de Vader dan toe dat Hij zo leed? Z’n rug werd opengereten met een Romeinse zweep. Jezus’ rug werd één bloederige massa en door Zijn striemen bent u genezen. 1 Petrus 2:24 zegt: “Die Zelf onze zonden in Zijn lichaam gedragen heeft opdat wij, voor de zonden dood, voor de gerechtigheid zouden leven. Door Zijn striemen bent u genezen.” 

    Jezus’ rug was totaal weggereten, daarom staat er in het Grieks ‘door Zijn striem’ in het enkelvoud. De profetie in Jesaja 53:4-5 zegt: “Voorwaar onze ziekten heeft Híj op Zich genomen, onze smarten gedragen. Wíj hielden Hem echter voor ’n geplaagde, door God geslagen en verdrukt. Maar Hij is om onze overtredingen verwond om onze ongerechtigheden verbrijzeld. De straf die ons de vrede aanbrengt, was op Hem en door Zijn striemen is voor ons genezing gekomen.”

    Jezus werd gestraft en moest zo lijden opdat we door Zijn striemen genezen zijn. Hij droeg de doornenkroon om ons vrede te brengen. Met Zijn dood werd het zondevraagstuk opgelost; de striemen brachten genezing. Mattheüs 8:16 luidt: “Toen het nu avond geworden was brachten ze velen die door demonen bezeten waren, bij Hem en Hij dreef de boze geesten uit en genas allen die er slecht aan toe waren. Opdat vervuld werd wat gesproken was door de profeet Jesaja toen hij zei: Hij heeft onze zwakheden op Zich genomen, en onze ziekten gedragen.”

    Hier geneest Jezus mensen op basis van de toekomstige verzoening en wij kunnen nu genezing ontvangen op basis van het verzoeningsverleden. God schreef “Ik wil het” in bloed op de rug van Zijn Zoon. Jezus is naar deze wereld gekomen om te bewijzen dat God je liefheeft. Hij stond toe dat Z’n Zoon onherkenbaar gegeseld werd om jou vrede en genezing te brengen. Ja, Hij wil het. Hij wijst je niet af als je bij Hem komt. Dankzij steun kunnen we dit programma in allerlei talen de wereld over sturen om Jezus te verheerlijken en mensen moed in te spreken. God zegene je rijkelijk, in Jezus’ naam.

  • Geef een reactie

    Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Vond je de uitzending fijn?

Stuur het dan door of deel het op sociale media om anderen ook te bemoedigen!

Ook interessant voor jou?
artikelen

Geloof jij in genezing?

uitzending

Jezus is er ook voor jou

Steun ons werk

Breng hoop naar de huiskamers – vooral in deze speciale tijd!

Vooral in onzekere tijden vinden we het een geweldige kans om mensen hoop te geven door Gods Woord.