Je winkelmand (0)

Durf jij dit gebed te bidden? Jabez: Eén gebed, groot gevolg

Soms voelt bidden veilig… en klein. Maar wat als je God durft te vragen om méér? Jabez bad één zin – en zijn leven veranderde. In deze inspirerende aflevering laat Bayless Conley zien hoe dit weinig bekende gebed uit 1 Kronieken 4 een sleutel kan zijn tot groei, bescherming en geloofszekerheid. Dit is geen “welvaartsgebed”, maar een diep, eerlijk verlangen naar Gods hand op je leven. “En God gaf hem wat hij had gevraagd…” ️ Durf jij het ook?

Downloaden als PDF
  • Hallo, vriend. Wat fijn dat je ervoor hebt gekozen om naar me te luisteren. We gaan dadelijk naar iets in de Schrift kijken dat naar mijn mening verbazingwekkend is. Het is een indrukwekkend verhaal. Het is deels zo bijzonder omdat het zomaar opduikt uit de vergetelheid. We lezen verder vanaf 1 Kronieken hoofdstuk 4. Daar staat een nogal… vage… middelmatige, saaie… soort stamboom in vermeld. Die en die was de vader van die en die. Die en die bracht die en die voort. Hij was de vader van zus en zo. Hij kreeg twee zonen. Je krijgt iets van: Het is wel goed hoor, en nu het volgende vers. Je zit gewoon te lezen, en ineens… vinden we deze woorden in 1 Kronieken 4:9-10: “Jabez was van groter aanzien dan zijn broers. Zijn moeder had hem Jabez genoemd, want, zei ze, ik heb ‘m met smart gebaard. Jabez riep de God van Israël aan: Als U mij rijk zegent en mijn gebied uitbreidt Uw hand met mij is en U het kwaad van mij wegdoet, zodat het mij geen smart brengt. En God schonk hem wat hij gevraagd had.” 

    En dan gaat het weer verder met die en die was de broer van die en die. Die en die was de vader van die en die… Gewoon een soort… Een en al saai landschap, en ineens… torent die majestueuze berg op te midden van dit… onopmerkelijke, saaie landschap. En daar treffen we het gebed van Jabez aan. Het is een van de geweldigste gebeden in de Bijbel. Er staat dat God hem schonk wat hij gevraagd had. Jabez onderscheidde zich echt met dit gebed dat hij zei. Afgezien hiervan we weten niet veel over die man. Behalve dat hij God om vijf dingen vroeg. Hij vroeg brutaal om vijf dingen. En God kende hem die toe. Ten eerste bad hij erom gezegend te worden. Ten tweede vroeg hij om een uitbreiding van zijn gebied. Ten derde bad hij dat Gods hand met hem zou zijn. Ten vierde bad hij dat het kwaad van hem werd weggehouden. En ten vijfde bad hij dat hij geen smart zou veroorzaken. In sommige vertalingen staat: “Houdt het kwaad bij mij weg zodat het mij geen smart brengt.” Maar God verhoorde het gebed. Dat is in één opzicht geweldig, omdat Jabez God erkende als de bron van al die zaken. Hij zag dat God de bron was van zegeningen. Hij zag God als de bron van de uitbreiding. Hij zag God als Degene Die hem van het kwaad weghield. Er staat dat hij van groter aanzien was dan zijn broers. We weten niet waarom, maar misschien trachtten die zelf hun gebied te vergroten. Misschien verlieten die zich op hun eigen kracht en hun eigen middelen om zich te beschermen en zegen in hun leven te brengen. Zij richtten zich op zichzelf en op wat ze zelf konden doen. Of op wat een ander kon doen, in plaats van zich op God te richten. Ik wil je aanmoedigen… Natuurlijk snappen we dat God mensen inzet. Wij snappen dat God ons kan zegenen via de plek waar we werken. God kan ons zegenen met onze werkgever, ons bedrijf. God kan ons zegenen met de mensen in de kerk die wij bezoeken. Hij kan ons zegenen via onbekenden. Mensen worden dan de handen van de Heer. Toch moeten we onze blik afwenden van de feilbare mannen en vrouwen die God inzet. We moeten onze blik op God gericht houden. Maar misschien was Jabez van groter aanzien omdat hij ervoor koos om niet alles op eigen kracht te doen. Hij vertrouwde op God om dingen in z’n leven recht te zetten en hem te leiden. Er staat dat Jabez God aanriep. Hij riep geen mensen aan en evenmin z’n eigen verstand. Hij riep God aan. En God verhoorde hem. En zoals ik al zei, ben ik onder de indruk vanwege de plek waar we dit gebed aantreffen. Ineens springt iemand eruit te midden van de middelmaat. Iemand springt eruit te midden van de menigte. Ze wikkelen hun vingers in de klederen van God en gaan achter God aan. Misschien ben je een anoniem gezicht in de menigte, of je voelt je zo. Maar neem je voor om God met heel je hart en heel je ziel te volgen. Hij ziet je en Hij zal jouw gebeden verhoren. Volgens mij kan dit gebed in veel opzichten een vast patroon worden voor zaken waar wij God om kunnen vragen en die wie God erom vraagt, kan krijgen. In Romeinen 2:11 staat: “Want er is geen aanzien des persoons bij God.” 

    Dus als Jabez uit die menigte kan oprijzen die niets doet en niets zegt en God kan vastgrijpen, dan kunnen wij dat ook. Laten we het hebben over de zaken waar Jabez om vroeg en die hij van God kreeg. Om te beginnen bad hij om te worden gezegend. Ieder kind van God heeft er recht op om gezegend te worden. Dat kind heeft er recht op Gods welvarendheid te ervaren. In Spreuken 10:22 staat: “De zegen van de Heer, die maakt rijk, Hij voegt er geen zwoegen aan toe.”. “De zegen van de Heer, die maakt rijk, Hij voegt er geen zwoegen aan toe.”

    Psalm 67:7-8: “God, onze God, zegent ons. God zegent ons en alle einden der aarde zullen Hem vrezen.”. 

    Dus als de zegen van God in ons leven komt is dat blijkbaar iets tastbaars. Iets zichtbaars. Iets wat ervoor zorgt dat de einden van de aarde Hem erkennen en vrezen dat God in het leven van zo iemand, van zo’n gemeente betrokken is. Dat God betrokken is in het leven in dit land. Er is geen verklaring voor die zegen behalve dat God een zegenende hand op hen heeft gelegd. Efeze 1:3 luidt: “Gezegend zij de God en Vader van onze Heer Jezus Christus Die ons gezegend heeft met alle geestelijke zegen in de hemelse gewesten in Christus.”

    De waarheid is dat of het nu een geestelijke zegen is een zegen in de vorm van vrede of tevredenheid een zegen in de vorm van geestelijk inzicht of dat je geloof toeneemt zaken die onzichtbare zijn, maar ze brengen wel zichtbare resultaten voort. Het kunnen zaken in die categorieën zijn, of uitgesproken tastbare zaken. Laten we zeggen dat je huur wordt betaald. Of je kind wordt genezen. Of je stelt je vertrouwen in God voor een baan, terwijl er geen banen lijken te zijn. Maar God opent een deur, verleent je een gunst, en geeft je een baan. Noem maar op. Iets tastbaars. Zelfs die dingen komen van God en worden gegeven door de Heilige Geest. In sommige vertalingen van dat vers gaat het erover dat Hij “ons zegent met elke geestelijke zegen in de hemelse plaatsen in Christus”. Dan denken mensen: Aha, geestelijke zegen in hemelse plaatsen… Ze hebben geen idee wat dat betekent. Zoals gezegd omvat het ook zogeheten geestelijke, onzichtbare zaken als zegeningen van vrede, geestelijke groei, het geloof in het hart, enzovoort. Maar het omvat ook tastbare zaken die God in het leven van mensen brengt. Of het nu in eerste instantie geestelijk van aard is of dat het een rechtstreeks fysiek voordeel is dat God schenkt het wordt gegeven door de Heilige Geest. Het komt door de werking van de Heilige Geest. Daar gaat dit over. De God van onze Heer Jezus Christus heeft ons gezegend met elke zegen door de Heilige Geest die Hij ons schenkt in Christus. Wij mogen zeggen: God heeft me gezegend. En het zou vanzelfsprekend moeten zijn maar God zegent ons om een zegen te zijn. In Jacobus staat: “U bidt wel, maar u ontvangt niet, omdat u verkeerd bidt met het doel het in uw hartstochten door te brengen.”. We kunnen met de verkeerde motivatie vragen en dat zal onze gebeden dwarsbomen. Maar het is wel zo dat God wil dat je gezegend bent. Hij wil je vrede brengen. Hij wil dat je in staat bent je rekeningen te betalen. Hij wil dat je alles kunt bijbenen. God wil niet dat je onder een berg armoede gebukt gaat waar je niet aan ontkomt. God wil niet dat je bang bent en van angsten vervuld bent. Hij wil je zegenen opdat Hij verheerlijkt mag worden. Hij wil je zegenen omdat Hij als een goede vader in je behoeften wil voorzien. Jezus zegt: “Maak je geen zorgen over wat je zult eten en drinken en gaat aantrekken. Je hemelse Vader weet dat je deze tastbare dingen nodig hebt.”. Jezus zegt: “Zoek eerst het Koninkrijk van God, streef daar eerst naar en naar Zijn gerechtigheid, dan zullen al die dingen je gegeven zijn.”. Die dingen worden je op wat voor manier, via welke weg ook door God gegeven. God wil dat je gezegend bent, want Hij wil graag aan jouw noden tegemoetkomen. Hij wil ervoor zorgen dat je een dak boven je hoofd en kleren aan je lijf hebt. Dat je genoeg hebt voor de dringendste behoeften die je hebt. En dat er dan nog genoeg over is om iemand anders te zegenen. Dat is een goede Bijbelse definitie van welvaren. Ik heb genoeg om in m’n eigen behoeften te voorzien en iemand anders te helpen. Dat is welvarendheid, vriend. En wij zouden net als Jabez moeten bidden: “O God, zegen mij.”. We zouden ervoor open moeten staan om Gods zegen te ontvangen. Het tweede waar Jabez om bad: “Breid mijn gebied uit.”. Letterlijk vraagt hij om de verlenging van z’n grenzen. Ik geloof dat we van God groei kunnen verwachten. Wij moeten om uitbreiding bidden. Als gemeente moeten we om uitbreiding bidden. Laat ik dit zeggen: het is niet per se zo dat een gemeente belangrijk is omdat er grote aantallen mensen lid van zijn. God is geïnteresseerd in het individu. Jij hebt als voorganger misschien maar dertig, veertig of honderd mensen in de kerk. Jouw werk is heilig. En die zielen die je voorgaat, die mensen die je voedt en leidt zijn heel belangrijk voor God. Maar er zijn dagelijks mensen om ons heen, met wie we werken naast we wonen van wie we familie zijn, van wie de kinderen met de onze sporten die Christus nodig hebben. Dus we moeten voor uitbreiding, voor meer zielen bidden. Opdat het Koninkrijk groeit en onze gemeenten groter worden. We moeten bidden en verwachten dat God ons bedrijf vergroot. Dan zegt iemand: “Maar ik ben dik tevreden. Ik heb alles wat ik aankan.”. Dat is mooi. Hopelijk eer je God vanuit je bedrijf, en hopelijk geef je Hem het eerste deel van wat je verdient. Dat eerste deel behoort God toe. De tiende is heilig volgens de Bijbel. Die behoort God toe. En die tiende is de eerste tien procent. De Schrift leert ons de Heer te eren met de eerste vruchten van onze inspanningen, van ons inkomen. “Dan zullen je schuren gevuld worden met overvloed en je perskuipen overlopen van nieuwe wijn.” Aldus Spreuken. Vereer God met het eerste deel. Terug naar je bedrijf. Waarom bid je niet voor uitbreiding van je bedrijf?. Misschien ben je helemaal tevreden, en zeg je: “Ik kan best met pensioen gaan.” En dat is prima. Maar het Koninkrijk dan?. Waarom bid je niet van: “Ik heb alles wat ik nodig heb, maar ik bid voor uitbreiding. En dan steek ik alle winst in het Koninkrijk. Ik ga zendingswerk ondersteunen. En christelijke weeshuizen. Ik ga het werk van m’n gemeente steunen en m’n pastor helpen z’n droom waar te maken.”. Zeg dan: “U hebt grootse dromen, pastor. U wilt onze stad bereiken. U wilt kinderen met de bus naar de kerk halen. U hebt dit en dat idee. U wilt uw aanwezigheid op de sociale media vergroten. En ik ga u financieren. Ik ga Gods werk financieren.”. God brengt zakenlieden op de been. Mensen die zakendoen in hun vingers hebben. Maar dan ter meerdere glorie van God. Om Gods werk te steunen. Dus we moeten bidden voor uitbreiding van ons bedrijf. En die uitbreiding komt van God. Ik denk met name aan onze wandel met God aan een uitbreiding van ons begrip van de Schrift. Een grotere invloed op andere mensen. Een groter hart om dichter bij God te komen. Ik geef je een lijstje. Dit is een korte lijst. Maar dit zijn een paar dingen waar we volgens de Schrift in kunnen toenemen. Dit zijn terreinen waarvan de Bijbel leert dat wij er als gelovigen groter in kunnen en moeten worden. Ben je er klaar voor?. In Psalm 119:32 staat dat ons hart verruimd kan worden. Spreuken 1:5 leert ons dat we in wijsheid en inzicht moeten en kunnen groeien. Spreuken 13:11 en Spreuken 3:9-10 leren ons dat we groter kunnen worden en kunnen toenemen in goederen en materiële bronnen. In Jesaja 29:19 staat dat wij kunnen vergroten en toenemen in vreugde. In Lukas 17:5 staat dat we vermeerderd kunnen worden in geloof. In 2 Korinthe 9:10 staat dat we kunnen toenemen in de vruchten van gerechtigheid. In 1 Thessalonicenzen 3:12 staat dat we kunnen toenemen in liefde en invloed. En dat zijn er nog maar een paar. Weet je wat het is… Bid voor die uitbreiding. Misschien heb je nu alles wat je voor je eigen leven nodig hebt. Bid dan dat je een zegen voor iemand anders kunt zijn. Als die zegen door jou heen stroomt wordt God verheerlijkt en doe je wat je doet in de naam van de Heer. Luister, gelovige, jij zou moeten groeien. Het is nu eenmaal zo dat als we niet vooruit gaan we achteruit gaan. Als we niet groeien, dikke kans dat we dan kleiner worden. God wil dat je toeneemt. Als wij niet op een paar van die terreinen toenemen dan zit het erin dat we achteruit gaan. Je moet net als Jabez bidden en zeggen: “Breid mijn gebied uit, God. Maak m’n hart groter, God. Geef me meer invloed. Vermeerder mijn bezit, zodat ik een zegen voor anderen kan zijn. Zodat ik het Koninkrijk vooruit kan helpen.”. En ja, ik heb het tegen jou. Jij zit misschien op je bank in je flatje. Je komt misschien net rond. Moet je horen… Jabez riep God aan. Misschien krijg je het niet op eigen kracht voor elkaar. Misschien lukt het niet uit eigen vermogen. Misschien heb je niet de connecties om iets van dit alles voor elkaar te krijgen. Misschien zie je geen manier om dit te laten gebeuren. Roep God dan aan. God is onbeperkt. Hij is de machtige God. Hij heeft de sterren met Zijn adem doen ontstaan. Hij kan je beslist helpen en begunstigen in jouw omstandigheden en situatie. Bid om te worden gezegend, een zegen te zijn en vergroot te worden. Het volgende waar Jabez voor bad… Laat ik eerst even… Voordat ik hierin duik. Ik moest denken aan iets wat jaren geleden is gebeurd. Neem van mij aan dat we niet in deze studio zouden zitten… Het team hier zorgt dat alles gesmeerd loopt. En ik doe mijn deel hier voor de camera. Maar we zouden niet in de studio zitten… We zouden niet alle dingen doen die we doen op het gebied van televisie en alle mogelijke sociale media wereldwijd… We zouden niet in dit gebouw op deze campus zitten… We hebben hier in Zuid-Californië een fantastische campus. We hebben een prachtige campus van 12, 13 hectare. Duizenden mensen komen wekelijks hierheen om Gods Woord te horen en te groeien. Ze zitten in groepjes. Groepen voor mannen en groepen voor vrouwen. Groepen voor singles en groepen voor gepensioneerden, en ga zo maar door. We hebben tweetalige diensten, in het Engels en het Spaans. Er is hier zoveel gaande. Ik zou er een hele tijd over kunnen praten met jullie. Een paar dagen terug bekeek ik een statistiek. Afgelopen jaar hebben we ruim 800 mensen gedoopt. Dat lijkt misschien niet veel, maar het is meer dan het jaar ervoor. 800 mensen hebben hun leven aan Jezus geschonken. Hun leven is omgegooid, gedoopt in Zijn naam ter meerdere glorie van Hem gestorven aan hun oude leven en doken uit het doopwater op omringd door familie, vrienden en collega’s die hen aanmoedigden. Een prachtige aanblik. Maar ik voer dat allemaal terug op een bepaalde gebeurtenis. We zaten toen nog in een ander gebouw. We hadden dat perceel gekocht. Van zo’n 1 hectare. We hadden er met veel pijn en moeite een mooie kerk op neergezet. Een vriend van me uit Australië kwam over. Hij heette John Lewis. Ik had het gevoel dat ik hem hier nodig had. Hij is al een poosje in de hemel. Maar John kwam en preekte over de boodschap van de zegen van Abraham. Dat wij in Christus Abrahams nageslacht en erfgenaam zijn, volgens de belofte. Hij had het over de symbolen, de schaduwen en de gelijkenissen. Hij bracht tijdens die dienst iets te berde over dat God Abraham land, tastbaar land had beloofd. Ik weet niet meer precies hoe hij het zei. Hij sprak tot de verzamelde gelovigen, maar wat mij betreft sprak God mij toe toen hij het erover had dat Abrahams zegen land omvatte. Hij zei iets van: “Je moet op God vertrouwen voor meer land. En dat land zal je invloed bezorgen.”. M’n hart werd als door een mokerslag getroffen. Dus ik hief mijn ogen ten hemel. We waren op zoek naar een perceel, maar toen besloot ik het groots aan te pakken. En vandaag de dag zitten we op die campus, en ik voer dat grotendeels terug op de ontmoeting die ik had met de Heilige Geest toen John Lewis op die zondagochtend in onze kerk preekte. Ik begon te bidden van: “Breid mijn gebied uit, God. Geef ons meer. Geef ons iets groots, iets belangrijks. Wij hebben ons best gedaan om hier goede rentmeesters voor te zijn. En alle glorie en eer gaan waarlijk naar God. Ik ben ervan doordrongen dat God het best zonder mij redt. Hij heeft veel dienaren die Hij kan inzetten. En ik ben dankbaar dat ik op wat voor manier ook door God kan worden ingezet. Dus ons hele team, al onze medewerkers… de gemeente, allemaal doen we ons best om klein in onze ogen te zijn. We dienen ’n grootse God. We zijn gewoon dankbaar voor wat Hij heeft gedaan. Eerlijk gezegd weet ik dat God op een dag alles zal verbranden. Hij zal een nieuwe hemel en een nieuwe aarde maken. We zorgen goed voor alle mooie apparatuur hier. Maar we aanbidden die niet. Veel spullen en een groot perceel maken je niet groot. Het enige wat hier groot is, is de God die wij dienen. Op een dag is dit allemaal verdwenen. Intussen zijn we dankbaar en blijven we het gebruiken tot meerdere glorie van God. Ik voer dat terug op een Heilige Geest-moment toen John Lewis bij ons preekte. En ik denk dat jij ook voor uitbreiding moet bidden. Het volgende waar Jabez over bad was: “Moge Uw hand met mij zijn.”. Als die zinsnede “de hand van God” in de Schrift wordt gebruikt is dat een metafoor voor de Geest van God. De hand van God rustte op Elia. En die haalde rennend de strijdwagen van Achab naar Jizreël in. De hand van God rustte op die en die, en hij profeteerde. De hand van God rustte op die persoon, en toen deed die dit of dat. Het is een metafoor, symbolische taal voor de Geest van God. Hij bidt letterlijk dat de zalving van de Heilige Geest op hem mag rusten en door hem heen mag stromen. Het staat voor Gods macht, Gods kracht. Gods troost en Zijn leiding. Je zult de volgende keer weer moeten kijken als we hiermee doorgaan. Ik heb nog een hoop te zeggen over waar Jabez voor bad maar ik heb nu niet veel tijd meer, daarom sluit ik hiermee af: Je had op dit moment van alles kunnen doen, maar hier zitten we dan. Je hoeft alleen te weten dat God je ziet, vriend. Hij heeft een geschenk voor je, Hij heeft een leven voor je. Hij heeft een manier voor je. Hij heeft een plan voor je dat je kunt ontdekken. Dat begint allemaal met je leven aan Jezus Christus overdragen, daar begint het mee. Dat jij ja zegt tegen Jezus. Als je Hem nooit in je hart hebt ontvangen als je Heer en Redder, doe dat nu dan. Er staat: “Als u met uw hart gelooft dat God Hem uit de doden heeft opgewekt en Hem met uw mond belijdt als uw Heer, zult u zalig worden.”. Roep de naam van Jezus vandaag aan. Dat zal alles veranderen, m’n vriend. Ik hou van jullie en ik zie jullie weer. Heb je ooit een stempel opgedrukt gekregen zoals ‘knoeier, jij deugt nergens voor’? Weet je wat?. Jabez zei: “Ik houd niet vast aan het stempel dat m’n familie mij heeft opgedrukt. En ook niet aan wat anderen me hebben opgelegd. God, doe het kwaad van mij weg, zodat het mij geen smart brengt.”. God verhoorde zijn gebed. Je kunt losbreken van de beperkende labels die jou zijn opgeplakt.

  • Geef een reactie

    Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Vond je de uitzending fijn?

Stuur het dan door of deel het op sociale media om anderen ook te bemoedigen!

Ook interessant voor jou?
artikelen

Weet je wat het belangrijkste voornemen voor 2026 is?

uitzending

Bidden vanuit je hart – Filippenzen

Product

Bidden – maar hoe?

korte video

Pasen 2025: Wat betekent de opstanding vandaag voor jou

Steun ons werk

Breng hoop naar de huiskamers – vooral in deze speciale tijd!

Vooral in onzekere tijden vinden we het een geweldige kans om mensen hoop te geven door Gods Woord.