Je winkelmand (0)

God geneest nog steeds

Gods Woord heeft ongelooflijke kracht – ook de kracht om te genezen. Wil jij dit ook ervaren? Door middel van inspirerende verhalen en praktische richtlijnen laat Bayless je zien hoe je het zaad van Gods Woord diep in je hart kunt planten – en dan de helende kracht ervan kunt ervaren voor je lichamelijke, emotionele en geestelijke problemen!

Downloaden als PDF
  • Hallo, ik ben Bayless Conley. Ik wil je vragen om mee te kijken. We gaan naar iets kijken wat superbelangrijk is. Ik begin met een verhaaltje over een gebeurtenis toen ik met m’n vader op pad was. We kampeerden en ik pakte iets op. Daar heb ik veel van geleerd. Het was voor mij een les, en dat zal het voor jou ook zijn. Laten we samen naar het Woord gaan. In Markus, in het vierde hoofdstuk, vertelt Jezus een gelijkenis over een man die zaad uitstrooit. Hij strooit zaad uit over de grond. Een deel van het zaad belandt in goede grond en groeit uit tot een goede oogst. Een deel wordt door de vogels opgegeten. Een deel valt tussen de doornstruiken. Een deel valt op rotsachtige grond. Maar waar Hij in Markus 4:14 de gelijkenis uitlegt, zegt Hij dit:

    “De zaaier is hij die het Woord zaait.”

    Dus het zaad is het Woord van God. Vers 20:

    “En dit zijn zij bij wie in de goede aarde gezaaid wordt: Zij horen het Woord en nemen het aan en dragen vrucht de één dertig-, en de ander zestig-, en de ander honderdvoudig.”

    Hij gaat nog een tijdje door over dit onderwerp. En Hij zegt iets wat mij heel eenvoudig in de oren klinkt, maar dat zo ongelooflijk waar is. In vers 26 staat:

    “Ook zei Hij: Het is met het Koninkrijk van God: Als met een mens die zaad uitstrooit op de aarde…”

    Het zaad is dus het Woord van God.

    “…hij slaapt en staat weer op, nacht en dag. En het zaad ontkiemt en komt op, zonder dat hij zelf weet hoe.”

    Dus het Woord van God kan werken zonder dat we begrijpen hoe. Dan zegt Hij:

    “Want de aarde brengt vanzelf vrucht voort. Eerst de halm, daarna de aar, daarna het volle koren in de aar.”

    “En als de vrucht het toelaat, zendt hij meteen de sikkel erin omdat de oogsttijd aangebroken is.”

    Het zaad is het Woord en Jezus zei: De aarde brengt zelf gewassen voort. Iemand gaat slapen, staat op, gaat slapen, staat op en het zaad ontkiemt en groeit. Hij begrijpt niet hoe, maar het is zo. En uiteindelijk kan er geoogst worden. Wij laten het zaad niet groeien. Dat kunnen we niet eens. Onze rol is het zaad verspreiden en het in de grond vasthouden. Er is leven in het zaad en dat komt tot wasdom als wij het in de grond stoppen. De grond draagt uit zichzelf vrucht wanneer het zaad erin zit. Je hoeft niet te weten hoe het werkt. Het werkt gewoon. Jaren geleden ging ik met m’n vader kamperen. Hij is alweer vijf jaar in de hemel. Een jaar of 16, 17 geleden waren m’n vader en ik aan het kamperen. Er stond een rijtje eikenbomen. Ik maakte een dagtocht. Ik pakte een eikeltje van de grond. Een klein eikeltje. Ik kon het met twee vingers vasthouden. En er kwam die dag een gedachte in me op waarover ik nog vaak nagedacht heb. Er zat leven ingesloten in dat minuscule eikeltje. In de grond zou het z’n werk doen. Vanuit dat eikeltje dat ik met twee vingers vasthield, zou een enorme eik ontstaan, met uitwaaierende takken. Vanuit dat kleine eikeltje. Of neem een bloemzaadje. Binnenin woont een mooie bloem. De bladeren, de stengel, de prachtige kleur, de heerlijke geur. Dat zit allemaal in dat zaadje. Er zit leven in het zaadje. Plant het, en het zal groeien. Zo is het ook met Gods Woord. Er zit leven, goddelijk leven, bovennatuurlijk leven besloten in het zaad van Gods Woord. Hebreeën 4:12:

    “Het Woord van God is levend en krachtig.”

    1 Petrus 1:23:

    “Het levende en eeuwig blijvende Woord van God.”

    Johannes 6:63:

    “De woorden die Ik tot u spreek, zijn geest en zijn leven.”

    Hoe zorgen we dat het leven en de kracht in het Woord van God in ons leven tot wasdom komt? Dat is heel eenvoudig. Je moet het gewoon planten. We planten het zaad van het Woord in ons hart en houden het daar vast. En denk eraan, uit elk zaadje groeit de soort die erbij hoort. Een sinaasappelpit geeft een sinaasappelboom. Een citroenpit geeft een citroenboom. Watermeloenpit? Een watermeloen. Uit elk zaadje groeit een soort. Zo is het ook met Gods Woord. Beloften over genezing geven genezing. Beloften over vrede geven vrede. Verzen over vrijheid geven vrijheid. We bekijken een paar onderwerpen. Laat ik beginnen met genezing. Ik lees voor uit Spreuken 4:20-22. Daarin staat:

    “Mijn zoon, sla acht op mijn woorden, neig je oor tot wat ik zeg. Laat ze niet wijken van je ogen, bewaar ze in het binnenste van je hart. Ze zijn immers leven voor wie ze vinden, en genezing voor heel hun vlees.”

    Genezing betekent letterlijk een medicijn. Gods Woord werkt als een medicijn voor al ons vlees. Het maakt al ons vlees gezond. Het is een medicijn voor je ogen, voor je huid, voor je lever, voor je longen, voor je botten, voor je bloed. Het is leven, gezondheid, medicijn. Het is genezend voor ons vlees. Hij deelt hier manieren waarop we het Woord planten en in ons hart bewaren. En als het in ons hart is, zal het ontkiemen en groeien. Je hoeft het niet eens te begrijpen. Geef Gods Woord aandacht. Luister naar wat Hij zegt. Spreek het zelf uit. Luister ernaar. Het Woord van God werkt. Je begrijpt misschien niet hoe, maar het werkt. Luister goed. Dit is Psalmen 107:17-20:

    “Er waren dwazen die om hun ongerechtigheden gekweld werden. Hun ziel had een afschuw van al het voedsel zij waren tot aan de poorten van de dood gekomen.”

    “Maar toen zij tot de Heer riepen, verloste Hij hen uit hun angsten. Hij zond Zijn woord uit, genas hen en bevrijdde hen uit hun grafkuilen.”

    “Hij zond Zijn woord uit, genas hen.”

    Als God geneest, doe Hij dat door Zijn Woord te zenden. Maar het zenden van Zijn Woord doet Hij altijd in de vorm van zaad. Voor wie er aandacht voor heeft, er gehoor aan geeft en het voor ogen houdt, werkt het als medicijn, brengt het genezing en verlost het van de dood. Ik heb een vriend. Hij is pastor in Nieuw-Zeeland. Hij heet Don. Don reed een keer op een vierwieler, driewieler, op een eenzaam strand. Het ding viel om. Hij kreeg een vreselijk ongeluk en brak z’n nek. Hij lag op dat strand, het strand was verlaten. En hij kon niet bewegen. Hij was vanaf z’n nek verlamd. Hij weet dat het foute boel is. Hij ligt daar, en het wordt vloed. Het water is al bijna bij z’n gezicht. Hij weet dat hij gaat verdrinken, want hij kan zich niet bewegen. In de verte liepen wat vissers. Die hebben hem gezien en gered. Hij komt in het ziekenhuis terecht, en ze zeggen: Don, je bent verlamd. Je kunt nooit meer lopen. Dit is voortaan je leven. Maar God verrichtte een wonder en liet hem opstaan uit dat ziekenhuisbed. Hij is nu weer helemaal mobiel en genezen. Een geweldig verhaal. Ik sprak hem een keer, en toen zei ik: Voor en na het ongeluk, wat is er anders? Hij zei: Er zijn nu drie dingen die voor mij het allerbelangrijkst zijn. Drie dingen waarvan ik nu weet dat je niet zonder kunt. Het eerste is persoonlijke intimiteit met Christus. Een persoonlijke relatie met de Heer. Dat is voor mij belangrijker dan ooit. Het tweede is prioriteiten stellen. Het gezin dus. Je hebt het druk, en je vergeet hoe belangrijk je dierbaren zijn. Dus m’n intimiteit met Christus, en het gezin een hoge prioriteit geven. Werk of iets dergelijks mag nooit de plaats van het gezin innemen. En het derde is de boodschap van geloof in Gods Woord. Dat heeft me uit bed gekregen. Ik luisterde naar boodschappen over genezing. Naar Gods Woord. Ik luisterde aan één stuk door naar Zijn Woord en liet het tot diep in mijn hart doordringen. Er gebeurde iets in me. En ik wist het gewoon. Gods genezende kracht stroomde door mijn lichaam en bracht me die wonderbaarlijke genezing. Vriend, het zaad ontkiemt en groeit. Ook als we er niets van begrijpen. Er zit kracht besloten in zo’n zaadje. Er was eens een man, Edward. Z’n vrouw heette Birdie Lee. Ze bezochten de kerk waar ik hulppastor was. Een kleine kerk. Hij woonde in een huisje aan de overkant. We zagen hem altijd zitten met een fles whisky. Er ging elke dag een fles doorheen. Op een dag kwam hij met z’n vrouw naar de kerk en beiden werden die dag glorieus gered. Hij was z’n drankprobleem kwijt. Hij was jaren verslaafd geweest. Hij zei: Bayless, ik dronk zo veel omdat ik vroeger mijnwerker was. Ik werkte op m’n knieën. Hij was toen al een oude man. Wanneer was dit? Jeetje. 42 jaar geleden. Hij was toen oud. Hij zei: Ik heb m’n knieën vernield. Ik zat heel vaak op handen en knieën in de mijn. M’n longen zijn ook verpest. Hij trok z’n broekspijp omhoog. Beide broekspijpen. Hij was zo vaak geopereerd aan z’n knieën. Overal littekens. Ze liepen kriskras over z’n knieën. Hij zei: Ik ben zo vaak geopereerd. Ik heb altijd pijn, kan nauwelijks lopen. Vanwege de pijn ben ik gaan drinken. Ik drink elke dag een fles leeg, terwijl ik voor m’n huis zit. Gelukkig ben ik er nu van bevrijd, maar ik ga dood van de pijn. Ik zei: Edward, als het mag, wil ik bij jou thuis komen. Ik kom elke week langs en dan gaan we in de Bijbel alles over genezing lezen. Edward zei: Doe maar. Ik erheen. Hij zat dan in z’n stoel met kussens onder z’n knieën. Ik gaf hem een Bijbel en die bladerden we door. Ik gaf hem een soort minipreekjes, en we spraken over de teksten. En ik bleef komen. Week na week na week na week. We lazen samen de verzen, en hij las ze in z’n eentje. Ik gaf hem huiswerk en hij bleef maar lezen. Ik zei: Als je er klaar voor bent, ga ik voor je bidden. Maar hij was er nog niet klaar voor. Het duurde weken, weken, weken. Op een dag kwam ik bij hem en wist ik het. Hij geloofde in z’n genezing. Hoe weet je zoiets? Geen idee. Ik wist het gewoon. We lazen dat Paulus preekte in Lystra. Hij zag een man die verlamd was. Paulus zag dat de man geloofde in z’n genezing. En hij zei: Sta op. En de man stond op en liep. Hoe kun je geloof zien? Het is onzichtbaar. Het is een innerlijke waarneming die de Heilige Geest je geeft. Ik zag dat Edward er klaar voor was. Ik zei: Je bent klaar, hè? ‘Ja.’ Ik legde m’n handen op hem en bad voor hem. Toen schrok ik me dood. Edward schreeuwde opeens heel hard. Wauw, schreeuwde hij. Hij sprong uit z’n stoel en begon rond te lopen. Ik ben genezen, riep hij. Hij tilde z’n benen op en riep: Birdie Lee, Jezus heeft me genezen. Gods kracht heeft me genezen. Hij bleef het maar herhalen en marcheerde door het huis. Z’n vrouw kwam en begon te huilen. Het was een ongelooflijke, wonderbaarlijke, directe genezing. Maar was het wel zo direct? We hadden weken, weken, weken verzen over genezing bestudeerd. Hij las die verzen iedere dag. Hij gaf de volle aandacht aan het Woord van God. Hij luisterde ernaar, bleef het voor ogen houden. Dat was het medicijn voor z’n knieën. Een bovennatuurlijk, effectief medicijn. Toen het gebeurde, was het direct. Dat hoeft niet altijd zo te zijn. Soms duurt het wat langer. Halleluja. Ook goed. Eerlijk gezegd kan het me niet schelen. Feit is dat hij eerst Gods Woord tot zich nam. Hoe zit het met angst? Veel mensen zitten vol angst. Ze worden erdoor geteisterd. Angst voor gebrek, het onbekende, de toekomst. Voor dingen in de wereld, geweld, ziekte. Angst om er niet bij te horen, afgewezen te worden. Enzovoort. Luister naar Psalm 56 vers 4 en 5:

    “Op de dag dat ik vrees, vertrouw ik op U. In God prijs ik Zijn woord, op God vertrouw ik. Ik vrees niet. Wat zou een schepsel mij kunnen doen?”

    Vers 11:

    “In God prijs ik het woord, in de Heer prijs ik het woord. Ik vertrouw op God, ik vrees niet. Wat zou de mens mij kunnen doen?”

    Ik vertrouw op God en prijs Zijn Woord. Zijn Woord kan ons van angst bevrijden. Ik was heel bang voor de duivel toen ik net gelovig was geworden. Ik kwam uit een omgeving van ernstig drugsmisbruik, drankmisbruik en occultisme. Ik was doodsbang voor boze geesten en de duivel. Die waren levensecht. Toen deed ik iets goeds. Ik kocht een tweedehands Bijbel. M’n beste investering ooit. En ik begon heel fanatiek te lezen. Lezen, lezen, lezen, lezen. Uren heb ik erin gelezen, tot in de vroege uurtjes. Enkele maanden nadat ik gered was, besefte ik dat er iets veranderd was. Voor die tijd was ik mij elke dag bewust van die angst. Angst voor boze geesten, voor de duivel. Als een hondje dat me volgde en in m’n hielen wilde bijten. Angst was het laatste wat ik ’s avonds voelde voordat ik ging slapen. En het was het eerste wat ik voelde als ik wakker werd. De angst zat op m’n voeteneinde. Het was heel tastbaar. Het achtervolgde me. Maar door het Woord te lezen en het te laten doordringen, besefte ik op een dag, na twee of drie maanden: Het is weg. Ik keek bijna om me heen. De angst was weg. Jezus zei het volgende in Johannes 8:31:

    “Jezus dan zei tegen hen die in Hem geloofden: Als u in Mijn woord blijft, bent u werkelijk Mijn discipelen. En u zult de waarheid kennen, en de waarheid zal u vrijmaken.”

    De waarheid heeft me bevrijd van de angst. De waarheid zal ook jou bevrijden van angsten. Ik zei het al. Misschien ben je bang voor dingen in de wereld. Of voor een epidemie of ziekte die het land weer zal overspoelen. Wat dan ook. Misschien is het een onredelijke angst. Je weet niet waarom je bang bent, maar je voelt de aanwezigheid van angst. Het Woord van God zal je bevrijden. Je vraagt: Maar hoe dan? Ik begrijp het niet. Het is gewoon zo. Als iemand het Woord in z’n hart ontvangt, gaat hij slapen en staat hij op, en het zaad ontkiemt en groeit. En het groeit zo hard dat het op een dag geoogst kan worden. Ik zeg je, vriend. Zo zal het bij jou ook gaan. Hoe zit het met de mensen die somber zijn en geen vrede kennen? Ik lees voor uit Spreuken 3:1-2.

    “Mijn zoon, vergeet mijn onderricht niet en laat je hart mijn geboden in acht nemen.”

    “Want lengte van dagen en jaren van leven en vrede zullen ze voor jou vermeerderen.”

    Vrede komt voort uit het Woord van God. Het is een van de vruchten van Gods Woord. Hij zei: “Laat je hart…” Dus de grond. “…Mijn Woord in acht nemen.” In acht nemen betekent ook bewaken, beschermen. Laat het niet verdwijnen uit de grond van je hart. Er was een vrouw in onze kerk, en ik was echt dol op haar. Ze was een wandelende Bijbel. Sommige mensen vonden het extreem omdat ze voor elke vraag wel een vers klaar had. Als ik preekte en even een vers kwijt was, dan vroeg ik het haar, en ze had het altijd goed. Iedereen wist: Als de pastor het niet weet, weet Ila het wel. Ila, welk vers is dat? En ja, hoor. Somigen vonden haar extreem, maar die kenden haar verleden niet. Ze had een periode gekend waarin ze ernstig depressief was. Ze werd voortdurend geteisterd door angst en suïcidale gedachten. Ze woonde thuis in het donker. Ze kwam een jaar lang niet buiten. Met de gordijnen dicht leefde ze volkomen afgesloten. Ze was zo bang en depressief als je maar zijn kunt. Al die gedachten die dag en nacht op haar afgevuurd werden. Ze leefde een jaar lang letterlijk in het donker. Toen besloot ze iets te doen. Ze zei: Baat het niet, dan schaadt het niet. Ze was trouwens gelovig. En ze begon de Bijbel te lezen. En ze las, en ze las, en ze las. En ze las, en ze las. En uiteindelijk bevrijdde het haar. Ze laafde zich aan Gods Woord, zaaide het in haar hart. De sombere wolken van depressie begonnen uiteen te vallen. Het zaad ontkiemde en God schonk haar een oogst. Ze was zo’n voorvechter van Gods Woord omdat het haar zoveel gebracht had en ook anderen zoveel kon brengen. Waar ik het vandaag over heb, zal ook voor jou werken. En ik weet heel goed dat je nu misschien zit te kijken en dat je werkelijk worstelt met allerlei demonen. Je worstelt met sombere gedachten. Je zegt misschien: Je moest eens weten hoe moeilijk ik het heb. Geef me geen valse hoop. Ik geef je echte hoop. Zijn Woord helpt. Als het zou kunnen, zou ik nu naar je toe komen. We zouden water koken, thee zetten, aan de keukentafel gaan zitten en ik zou Gods Woord met je delen, omdat dat het antwoord is. Paulus zei:

    “Ik draag u op aan God en aan het woord van Zijn genade. Aan Hem Die bij machte is om u op te bouwen en u een erfdeel te geven.”

    Bij ons kopje thee zou ik Zijn Woord met je delen. Misschien zouden we samen bidden. Dat kan niet, maar zo gaat het ook. Vriend, ik bied je het Woord van het leven aan. Zijn Woord kan verandering brengen in je omstandigheden, je leven. Voor wie verlost wil worden, is Zijn Woord het antwoord. 1 Petrus 1:23:

    “We zijn opnieuw geboren niet uit vergankelijk, maar uit onvergankelijk zaad door het levende en eeuwig blijvende Woord van God.”

    Dat is de boodschap van verlossing die zich nestelt in ons hart. We geloven het uit vrije wil en laten het niet door de duivel afpakken. Dat Woord leidt tot verlossing. We zijn opnieuw geboren door het onvergankelijke zaad van Gods Woord. God heeft je lief. Misschien heb je ernstige zonden begaan maar God weet alles en Hij houdt toch van je. Hij wil dat je Hem kent en Hij wil je een nieuw leven geven. Dit is geen verzinsel, geen sprookje. Ik weet dat ik tot iemand spreek. Ja, tot jou. God wil graag je aandacht. Hij houdt van je en klopt op de deur van je hart. Omarm Zijn Woord. De Bijbel zegt:

    “Ieder die de Naam van de Heer aanroept, zal gered worden.”

    “Als u met uw hart gelooft dat God Jezus uit de doden heeft opgewekt en Hem met uw mond belijdt, zult u gered worden.”

    God zal je in Zijn familie opnemen. Jezus zei:

    “Het Koninkrijk van God is nabijgekomen. Bekeer u en geloof het Evangelie.”

    Keer je af van je zondige leven, kom bij de Enige Die je kan veranderen. Ik werd ooit gebeld. De man stond op een vliegveld in Nieuw-Zeeland. Hij zei: Bayless, ik sta hier op het vliegveld voor een kroeg. Ze zitten binnen te kijken naar jou op televisie. Misschien zit jij nu in een kroeg. Of thuis, of op een hotelkamer. Misschien spreek ik niet eens Engels, want dit wordt in veel talen vertaald. Maar God spreekt tot je hart. Bid oprecht vanuit je hart: God, ik geloof in Uw Zoon Jezus Christus. Zeg het hardop. Jezus, dank dat U voor mij aan het kruis bent gestorven. Zeg het maar. Ik geloof in U, Jezus. Kom in m’n leven. Verander me. Ik vraag U om mijn Heer en Redder te zijn. En ik bid in Uw Naam. Amen. God zegene je.

  • Geef een reactie

    Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

    1. bemoedigende preek,waarvoor dank. Hier leer ik van dat ik de Heer vaker moet bedanken Gods zegen aan iedereen , groetjes Heleen

      1. Dank je wel voor je reactie, Heleen. Wat mooi dat de boodschap je heeft bemoedigd. God is goed en Hij is nog steeds aan het werk in ons leven. Zegen voor jou!

    2. Deze preek wordt dubbel vertaalt in het Nederlands. De vertaling in kleine letters loopt achter en overschrijft de vertaling die accuraat is en op het juiste moment gegeven wordt.
      Dit is vervelend. Wellicht is er iets aan te doen?

      1. Dank u wel voor uw bericht en onze excuses voor deze late reactie. We hopen dat het probleem inmiddels al is opgelost. Voor de zekerheid toch nog even deze tip: het lijkt erop dat er per ongeluk twee ondertitelingen tegelijk aanstaan — de Nederlandse (die standaard in de video zit) en daarnaast een automatische Engelse via YouTube.

        U kunt dit aanpassen door onder de video op het tandwiel (⚙️) te klikken, naar “Ondertiteling” te gaan en daar “Geen” of alleen “Nederlands” te selecteren.

        Mocht het toch nog niet lukken, laat het gerust weten — we denken graag met u mee.

Vond je de uitzending fijn?

Stuur het dan door of deel het op sociale media om anderen ook te bemoedigen!

Ook interessant voor jou?
artikelen

Geloof jij in genezing?

uitzending

Jezus is er ook voor jou

Steun ons werk

Breng hoop naar de huiskamers – vooral in deze speciale tijd!

Vooral in onzekere tijden vinden we het een geweldige kans om mensen hoop te geven door Gods Woord.