Je winkelmand (0)

Wat gebeurt er als jij durft te bidden als Jabez

Wat gebeurt er als je God werkelijk gelooft om meer? Niet uit hebzucht, maar uit geloof en overgave? In dit tweede deel over het gebed van Jabez laat Bayless Conley zien wat er gebeurt als we groot durven bidden en op Gods zegen vertrouwen.

1 Kronieken 4:10 laat een kort maar krachtig gebed zien – en God verhoorde het. Leer hoe jij dit gebed in jouw leven kunt toepassen – met moed, nederigheid en verwachting.

Ontdek hoe Gods zegen je kan leiden, beschermen én je invloed vergroten.

#DurfTeBidden #GebedVanJabez #BaylessConley

Downloaden als PDF
  • Heb je ooit een stempel opgedrukt gekregen zoals ‘knoeier, jij deugt nergens voor’? Weet je wat? Jabez zei: “Ik houd niet vast aan het stempel dat m’n familie mij heeft opgedrukt. En ook niet aan wat anderen me hebben opgelegd. God, doe het kwade van mij, zodat het mij geen smart brengt.” God verhoorde zijn gebed. Je kunt losbreken van de beperkende labels die jou zijn opgeplakt. Hallo vriend, bedankt dat je erbij bent. Als jij er vorige keer ook bij was… Toen hadden we het over het gebed van Jabez. En ik weet dat je met ingehouden adem wacht tot ik dit ga afronden. Ik ga graag terug om het nog eens te lezen, maar dan wel in de context. Ik ga er een paar minuten aan besteden om een paar dingen opnieuw door te nemen. We duiken erin op het punt waar we vorige keer zijn gestopt. Het komt uit 1 Kronieken hoofdstuk 4. Ik wil graag beginnen met lezen in vers 5. Ik wil al van tevoren om jullie vergeving vragen. Er komen een stel namen in voor die ik in elk geval vreemd vind klinken. Ik ga er vast een paar verkeerd uitspreken. Dus heb geduld met me. Want volgens mij is het van belang om dit gebed van Jabez te lezen in z’n context. Ben je er klaar voor? En niet in slaap vallen. Er staat: “Assjur, de vader van Tekoa, had twee vrouwen: Hela en Naära. Naära baarde hem Ahuzzam, Hefer, Temeni en Haähastari. Dit zijn de zonen van Naära. De zonen van Hela waren Zereth, Jezohar en Ethnan. Koz verwekte Anub en Hazobeba… en de geslachten van Aharhel, de zoon van Harum. Jabez was van groter aanzien dan zijn broers. Zijn moeder had hem Jabez genoemd, want, zei ze, ik heb ‘m met smart gebaard. Jabez riep de God van Israël aan: Als U mij rijk zegent en mijn gebied uitbreidt… Uw hand met mij is en U het kwaad van mij wegdoet… zodat het mij geen smart brengt… En God gaf hem wat hij gevraagd had. Chelub, de broer van Suha, verwekte Mechir. Hij is de vader van Eston. Eston verwekte Bethrafa, Paseah en Tehinna, de vader van Ir-Nahas. Dit zijn de mannen van Recha.”

    En dan gaat het verder over de zonen van Kenaz et cetera. Dus je hebt dit min of meer saaie gedoe over geslachten… zo van: die en die kreeg een kind en die en die waren de zonen van zus en zo… en die en die was de moeder van zus en zo. En dan ineens wordt uit dit moeras van middelmatigheid een hand opgestoken… die God vastgrijpt en een fantastisch gebed bidt. God verhoort zijn gebed, en dan keert het allemaal weer terug… naar die en die kreeg die en die, en die is weer de vader van zus en zo. En die man Jabez onderscheidt zichzelf van de menigte. Als je vrijpostige gebeden bidt en God om grote zaken vraagt… dan onderscheid je je van de menigte. Jabez bidt in dit gebed om vijf zaken. Om te beginnen vraagt hij of God hem zegent. Ten tweede: Wilt U mijn gebied uitbreiden. En ten derde: Moge Uw hand met mij zijn. Ten vierde: Moge U het kwaad bij mij weghouden. En ten vijfde: Moge ik geen smart veroorzaken. Vorige keer behandelden we de eerste twee: “Als U mij zegent.” Elk kind van God heeft het recht om te bidden of God ze wil zegenen. Om gezegend te worden voor de glorie van God en om voor anderen een zegen te zijn. We willen gezegend worden omdat we tastbare… fysieke, materiële behoeften hebben. We willen in geestelijke zin gezegend worden. Ik wil de zegen van wijsheid. Ik wil gezegend worden met inzicht, ik wil gezegend worden met invloed. Ik wil gezegend worden met vrede. Maar ik wil ook in materiële zin worden gezegend. Hier bad Jabez: “Moge U me zegenen,” en God gaf hem wat hij gevraagd had. Ik vind het geweldig dat er staat dat hij meer aanzien had dan zijn broers. Hij riep God aan. Z’n broers wilden misschien wel dezelfde dingen in het leven. Maar die verwachtten dat mensen die dingen voor hen zouden doen. Ze deden een beroep op hun eigen kracht en slimheid om die zaken te krijgen. God gebruikt veel verschillende kanalen. Hij gebruikt misschien onze kennis. Misschien gebruikt hij deze of gene. Of hij gebruikt ons werk. Maar onze blik moet op Hem gericht zijn en niet op anderen. En zeker niet op een bepaald systeem of een regering. Onze blik moet op Hem zijn gericht. Jabez riep God aan. En God zegende hem inderdaad. “Breid mijn gebied uit.” In één vertaling staat: “Geef me land, geef me grote stukken land.” En dat deed God. En in de Schrift lezen we dat er een stad naar Jabez werd vernoemd. De derde maal, waar we vorige keer zijn geëindigd, bad Jabez: “Moge Uw hand met mij zijn.” Als we de term ‘hand van God’ in de Schrift tegenkomen… symboliseert dat de zalving van de Heilige Geest. Het staat voor de aanwezigheid van God in een situatie, en voor een persoon. Gods hand zorgt dat we dingen kunnen bereiken die we zelf nooit kunnen bereiken. We hebben het recht om te bidden dat Gods hand… Zijn zalving, Zijn macht, Zijn kracht… Zijn troost en Zijn invloed op ons is en door ons heen stroomt. Ik geloof dat we moeten verwachten dat Gods hand op ons rust. Stel, je hebt collega’s die Christus nodig hebben. Bid dat Gods hand op je rust… terwijl jij tegenover hen getuigt en dingen met hen deelt tijdens de lunch. Bid dat Gods hand op je rust… als je Gods huis betreedt om met medegelovigen God te aanbidden. Zodat je iemand die terneergeslagen is kunt bemoedigen. Bid dat God je zegent en dat Zijn invloed op jou zal rusten… en door jou heen mag stromen. In de Schrift staat dat de zalving het juk zal vernietigen. Er zijn verschillende soorten juk. Het juk van de slavernij. Het juk van de wettigheid in het leven van mensen. Het juk van zwakheid en ziekte in het leven van mensen. Het juk van de onderdrukking in het leven van mensen. Het is de zalving die het juk vernietigt. En God wil jou gebruiken om de last van de schouders van mensen te tillen. Om het juk van de vijand te vernietigen. Dat juk waardoor ze depressief en onderdrukt zijn. God wil jou en mij gebruiken. Wij zouden moeten bidden: “Moge Uw hand met mij zijn, Heer. Moge Uw Geest op mij rusten terwijl ik met deze persoon spreek. Terwijl ik met deze mensen contact leg, of op zoek naar een stuk grond voor een kerk. Terwijl ik m’n bedrijf probeer te laten groeien, voor Gods glorie. Zodat ik Gods koninkrijk kan financieren. Moge Uw hand met mij zijn.” God verhoorde Jabez’ gebed. De hand van God, de Geest van God, de zalving van Gods Geest was met hem. En die kan ook met jou zijn. En toen bad hij om het vierde waarvoor hij bad. “Moge U het kwaad van mij wegdoen… zodat het mij geen smart brengt.” Of… Letterlijk kan het worden vertaald… met: “Dat ik er geen verdriet van ondervind.” “Doe het kwaad van mij weg zodat het mij geen smart brengt.” Zodat ik er geen verdriet van ondervind. Heeft Jezus ons niet geleerd te bidden: “Verlos ons van het kwaad”? En of Hij dat heeft gedaan. De belofte in Psalm 91 luidt: “Geen onheil zal u overkomen.” Dit is geen gebed om nooit ellende mee te maken. Jezus zei immers heel duidelijk in Johannes 16:33… dat we in de wereld nu eenmaal verdrukking zullen hebben. Maar dat we goede moed kunnen hebben, want Hij heeft de wereld overwonnen. Er staat dat wie godvruchtig in Christus Jezus leeft, vervolging zal ondervinden. Ellende komt, en er komen beproevingen. In Jakobus staat: “Acht het enkel vreugde, als u in verzoekingen terechtkomt.” De context is dat je weet dat er iets in je gaande is terwijl je naar God kijkt… naar Zijn Woord kijkt en naar Zijn Geest kijkt. God werkt in je en zorgt ervoor dat je groeit in die situaties. Je zult niet groeien als je niet naar Zijn Woord en naar de beloften kijkt. Zonder dat jij naar God kijkt voor antwoorden… voor kracht en voor antwoorden… zullen die beproevingen je vast verpletteren en doden. Dus als wij naar Hem kijken, naar de waarheid van Zijn Woord… en Zijn eeuwige aanwezigheid… dan hebben er zeker goede dingen in ons gewerkt. Dus dit gebed voor Jabez en voor ons… is geen gebed om nooit ellende mee te maken… maar om te beseffen dat God bij ons is in die ellende. Hij zei: “Zodat het mij geen smart brengt.” Dat betekent letterlijk verdriet in het hart. Maar in het Hebreeuws… Luister goed. Daar heeft het ook de betekenis… van vormgeven. “Bescherm me tegen het kwaad en tegen de kwade… en moge ik geen pijn veroorzaken en geen pijn ervaren. En geen smart in m’n hart ervaren.” En het oorspronkelijke woord heeft ook de betekenis van vormgeven. Dit is wat ik probeer over te brengen. Sommige mensen zijn gevormd door het verdriet en de pijn die ze hebben ervaren. Maar ze zijn niet op een goede manier gevormd… want ze hebben niet naar God gekeken. Zie Jakobus: “Acht het enkel vreugde… wanneer u in allerlei verzoekingen terechtkomt… want u weet dat de beproeving van uw geloof volharding teweegbrengt. Maar laat die volharding ook volledig mogen doorwerken… opdat u volmaakt bent en geheel oprecht, en in niets tekortschiet.” Dat is de context. Het gaat nadrukkelijk over geloof. Ons geloof moet verankerd zijn in God. Er zijn mensen met verdriet, treurigheden en pijn… die hen cynisch hebben gemaakt. Ze zijn er een negatief persoon van geworden. Ze zijn er verbitterd van geworden. Het hoeft niet zo te gaan. Bid het gebed van Jabez. Doe een beroep op God, zodat je temperament… en je persoonlijkheid, zeg maar… niet gevormd zullen worden door de moeilijkheden die jou zijn overkomen. Bid dat je te midden van de beproevingen vreugde zult vinden. Dat je te midden van de ellende dat licht en dat baken zult zijn… waar anderen kracht zullen zoeken tijdens hun moeilijkheden en tegenslagen. Weet je, het is waar. We hoeven ons temperament niet te laten vormen door onze beproevingen. In negatieve zin, dan. Jaren geleden nam ik deel aan een bijeenkomst waar een gastspreker was. Sindsdien heb ik hem veel vaker gezien, op de sociale media en zo. Hij is nog steeds dezelfde als toen. Ik zag hem waarschijnlijk… zo’n vijftien jaar geleden, of misschien nog wel langer geleden. Hij is zonder armen en benen geboren. Ze zetten hem op een tafel. Hij staat me nog helder bij. Hij hobbelde rond op z’n stompjes en preekte over het evangelie. Hij kwam af en toe zo dicht bij de tafelrand dat iedereen naar adem hapte. Maar wat maakte dat ik naar adem hapte, was zijn houding. Hij was niet verbitterd. Hij had geen gebroken hart. Hij was vol vreugde. Zijn geest was krachtig. Hij was bemoedigend. De moeilijkheden die hij overduidelijk in z’n leven had doorgemaakt… omdat hij zonder ledematen was geboren… die had hij z’n hart niet laten beïnvloeden. Hij bracht bemoediging aan de duizenden mensen die daar aanwezig waren. Ik moet denken aan een vriendin van m’n vrouw en mij. M’n vrouw bidt regelmatig met deze dame. Ze komt uit een Latijns-Amerikaans land waar een coup werd gepleegd. Haar familie was best rijk. Ze hadden land. Er zat geld in die familie. Maar de regering werd afgezet. Ze raakten alles kwijt en moesten vluchten. Ze kwamen zonder een cent in de VS. Ze raakten het land kwijt dat al generaties lang in de familie was. Ze raakten het fortuin kwijt dat al generaties lang in de familie was. Ze raakten hun invloed kwijt. Ze raakten alles kwijt. Deze vrouw moest haar leven weer helemaal opnieuw opbouwen. Maar als je in haar buurt bent… Ze is slim, ze heeft diepgang. Ze heeft hoop, ze is vol geloof, ze is gelukkig. Ze is vol medeleven. Ze liet de moeilijkheden die ze doormaakte… de dingen die haar familie meemaakte, toen ze letterlijk alles kwijtraakten… die liet ze niet haar temperament vormen. Ze liet zich door God vormen. Te midden van al die dingen keek ze naar God. Er is nog een facet aan dit alles dat we nader moeten verkennen. Er is sprake van een woordspelletje in de naam ‘Jabez’. In dit stukje van de Schrift. Zijn moeder noemde hem Jabez. Want ze had hem met smart gebaard. Letterlijk betekent ‘Jabez’ ‘brenger van verdriet’ of ‘iemand die pijn veroorzaakt’. Denk daar eens over na. Jabez kreeg vanaf zijn geboorte al een stempel. Telkens wanneer hij z’n naam hoorde, echt elke keer… was het: “Jij hebt verdriet gebracht en pijn veroorzaakt.” Vanaf z’n geboorte gelabeld, maar zijn leven werd het tegenovergestelde van zijn naam. Z’n leven werd een levende tegenspraak van het label dat hem was opgelegd. Heb jij een label gekregen? ‘Onderpresteerder.’ ‘Dom. Jij deugt nergens voor.’ Misschien was je vader min of meer een product… van z’n opvoeding en miste hij het licht van de waarheid het evangelie. Misschien heeft hij je flink aangepakt… en gezegd dat je waardeloos was en dat je nooit iets zou bereiken. ‘Je bent een loser, een mislukkeling. Je mag blij zijn als je een baan vindt. Je zult nooit een huis bezitten.’ Sommige kijkers hebben een etiket opgeplakt gekregen. Je kreeg op school een label. Je werd geplaagd. Het trauma dat je in je jeugd opliep, draag je nog steeds mee. Misschien kreeg je dat label vanwege een fout die je eens maakte. Mensen drukten je dat stempel op en dat is de enige manier waarop ze je bekijken. De enige manier waarop ze over je denken. Of het is zomaar een gedachte die eens in je opkwam waar je voor gezwicht bent. Iets wat de duivel je influisterde. Wist je dat in Openbaring 12:10… de duivel de aanklager van onze broeders wordt genoemd? Dat ‘aanklager’ is in het Grieks ‘kategoros’. Daar komt het woord ‘categorie’ vandaan. Hij is de categorisator. De duivel wil je in een bepaalde categorie stoppen. “O ja, jij bent dit. Je zult je hier nooit van kunnen bevrijden. Als mensen in de kerk wisten hoe je was, zouden ze je niet moeten. Want dit is wie jij bent. Dit is wie je altijd zult zijn.” In je eigen geest heeft de duivel je een label opgeplakt. Weet je wat? Jabez zei: “Ik houd niet vast aan het stempel dat m’n familie mij heeft opgedrukt. En ook niet aan wat anderen me hebben opgelegd. God, doe het kwaad van mij weg, zodat het mij geen smart brengt.” En God verhoorde zijn gebed. Je kunt losbreken van de beperkende labels die jou zijn opgeplakt. Misschien heeft een leraar eens gezegd: “Je bent niet echt slim. Je gaat vast nooit iets bereiken.” Ik las eens een verhaal over een man… tegen wie een leerkracht in een van de lagere klassen zei: “Moet je horen, eerlijk gezegd ben je niet erg slim.” Op de middelbare school. Die man zei: “Je mag blij zijn als je ooit een baan als conciërge vindt.” Daar is niets mis mee. Misschien is een kijker conciërge op een school of nachtbewaker bij een gebouw. Wat voor werk we ook doen in naam van de Heer is waardig en heilig. Je brengt eenvoudig de invloed die je hebt in op de plek waar je bent. Je blijft glimlachen en je eert God. Je eert God met het eerste deel van je inkomen. Je voedt je gezin op in godvrezendheid. En je doet je werk in naam van de Heer. Terug naar het verhaal. Dat kreeg die knaap van z’n leerkracht te horen. “Je bent niet erg slim. Het enige wat jij ooit zult doen is dweilen. Het beste baantje dat jij ooit zult vinden is een baan als conciërge.” Maar God had hem andere gaven meegegeven. Hij werkte eens voor een grote onderneming. En op een keer… Geen idee waarom, maar werd er besloten… dat iedereen die dat wilde en voor dat bedrijf werkte, een IQ-test kon krijgen. Vanaf de hoofddirecteur… helemaal tot aan de conciërge. En degene die de machines draaiende hield. Echt iedereen. En deze man die conciërge was besluit de IQ-test te doen. Dus dat doet hij, en iedereen levert de IQ-test in. En op een dag wordt hij bij de president-commissaris geroepen. Hij komt daar alleen weleens schoonmaken. Hij kent die man niet. Hij had nog nooit iemand ontmoet die daar iets hoogs was. De president en nog wat mensen zeggen: “U hebt de IQ-test gedaan.” Dat klopt. Zit ik nu in de problemen? “Helemaal niet.” “U hebt de hoogste score van iedereen in dit bedrijf… bij die IQ-test, inclusief ikzelf. U had een hogere score dan ik.” Die conciërge was verbijsterend. En de president-commissaris zei: “We willen u graag een positie aanbieden naast het werk dat u al doet. We willen graag dat u iets uitprobeert.” Hij kreeg die baan, er werd uitgelegd wat er van hem werd verwacht. En hij was ontzettend goed in dat werk. Vervolgens ging hij door naar een volgend niveau. Hij ging een sleutelrol spelen in die onderneming. Hij begon z’n eigen onderneming en die werd heel succesvol. Hij kreeg een patent voor diverse uitvindingen. Maar een groot deel van z’n leven… leefde hij in dat soort gevangenschap, zeg maar… in die doos met een etiket erop van: “Meer dan dit kun je niet”… omdat een of andere leraar had gezegd dat hij niet erg slim was. Roep God aan. Die kan je opheffen van onder de macht van de leugens en de labels… die over jouw leven zijn uitgesproken. Jabez bad en God verhoorde… z’n gebeden en verhoorde z’n verzoek. En moet je horen. Zoals ik al zei, ik vind het geweldig zoals hij uit dat saaie landschap oprees… en God vastgreep. Alsof hij met z’n vingers Gods kleren vastgreep. En hij zei: “Zegen me, God, verruim me.” En God verhoorde z’n verzoek. En jij hebt misschien het gevoel… dat je helemaal niemand bent. Luister: God kent geen ‘niemanden’. God kent jou persoonlijk. Hij weet hoeveel haren jij op je hoofd hebt. God zal Zich vereerd voelen als jij een groot gebed bidt. Kleine gebeden zijn ook wel prima, maar die eren een grote God niet echt. Bid een groter gebed. Dat zal je geloof misschien vergroten, maar niet God. “Alles is mogelijk voor God en alles is mogelijk voor hem die gelooft.” Dit gebed is in de Bijbel vastgelegd omdat God wil dat we ervan leren. God laat ons zien dat we een van de velen zijn, maar als we erom durven vragen… kunnen we gezegend, uitgebreid en bevrijd worden. Wat ik jou wil zeggen, vriend, is dat jij dat ook kunt. Ik neem even een moment… om met jou te bidden, als dat goed is. En als je je hart met mij wilt laten instemmen. Ik kan alleen in z’n algemeenheid bidden. Als ik bij jou thuis kwam… en een kopje thee met je dronk… Er zit hier inderdaad thee in. Heel lekker, al is hij terwijl ik zit te praten een beetje afgekoeld. En als ik dan met jou samen aan jouw keukentafel zou gaan zitten… en als ik jou de ketel zou laten opzetten om thee voor ons te zetten… en als we het dan konden hebben over wat er in jouw leven speelt… dan zou ik teksten uit de Bijbel opzoeken die betrekking hebben op jouw situatie. Stel, je hebt iets verteld over je kind. Iets van: “M’n dochter is in de kerk opgevoed, ze zat op de jongerengroep. Ze werd vervuld van de Geest en hield van de Heer. En toen ging ze studeren. En nu lijkt het wel… En nu zegt ze allemaal rare dingen en het lijkt wel of ze niets meer om God geeft. Ze gaat om met mensen die heel veel drinken en drugs gebruiken. Ik weet bijna zeker dat m’n dochter losbandig is geworden.” Misschien had je het over je dochter. We houden van onze kinderen. Hoe oud ze ook worden, we blijven ouders. Dan zou ik de beloften over onze kinderen erbij halen. “Al onze kinderen zullen door de Heer onderwezen zijn. De vrede van onze kinderen zal groot zijn. We worden door gerechtigheid gezegend.” We lezen dat en dan pakken we elkaars handen en bidden we… in overeenstemming met die beloften. Wat ik kan doen, is een algemeen gebed bidden. Als je een belofte weet, fluister die dan in je hart tot God. In Mattheüs 18:19 zegt Jezus: “Verder zeg Ik u dat, als twee van u…” (dat zijn wij) “op de aarde… iets, wat dan ook, eenstemmig verlangen… het hun ten deel zal vallen van Mijn Vader, Die in de hemelen is.” 

    Laten we dat geloven. Hemelse Vader… mijn vriend en ik komen op dit moment tot U. Wij beseffen dat er geen afstand tussen ons is, waar ter wereld ze ook zijn. En ik ben hier in de studio. We weten dat U ons allebei ziet, en onze harten. Ik bid voor ze, hemelse Vader. De situatie die ze in hun hart voor U beschrijven… waarvan ze bevrijd moeten worden, waar ze hulp bij nodig hebben… Daarvoor bidden we dat er zegen op hen neerdaalt, God. We vragen U of U Uw hand naar hen uitsteekt. En dat U hun vrijheid, genezing en wijsheid brengt. Wat zij ook nodig hebben, breng dat in hun leven, Vader. Dank U dat de hand van het geloof U vastgrijpt… dat U hun het antwoord geeft en engelen op pad stuurt om namens hen te werken. Ik vraag U, Heer, om mijn vriend te helpen en te zegenen… in de machtige naam van Jezus Christus. Wat een Redder, wat een Heer is Hij. Hier wil ik mee afsluiten. In de Bijbel staat: “Wie de naam van de Heer aanroept, zal worden gered.” Roep Zijn naam aan.

  • Geef een reactie

    Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Vond je de uitzending fijn?

Stuur het dan door of deel het op sociale media om anderen ook te bemoedigen!

Ook interessant voor jou?
artikelen

Weet je wat het belangrijkste voornemen voor 2026 is?

uitzending

Bidden vanuit je hart – Filippenzen

Product

Bidden – maar hoe?

korte video

Pasen 2025: Wat betekent de opstanding vandaag voor jou

Steun ons werk

Breng hoop naar de huiskamers – vooral in deze speciale tijd!

Vooral in onzekere tijden vinden we het een geweldige kans om mensen hoop te geven door Gods Woord.