Je kunt vertrouwen op Gods beloften
Wat God je beloofd heeft, doet Hij ook! Daarop kun je vertrouwen. Zijn Woord staat vast – en het heeft kracht. Bayless Conley bemoedigt je om op Gods beloften te vertrouwen. Dat helpt om van binnen rustig te worden. Je zult merken: hoe meer je op Gods Woord vertrouwt, hoe meer je zorgen en angsten op de achtergrond verdwijnen!
-
Hallo vriend, fijn dat je vandaag kijkt. Ik ga het met je over iets heel belangrijks hebben. Belangrijk voor ons geloof en ons christelijk leven. Belangrijk om God te behagen en het gaat je helpen. Dus ik hoop dat je er klaar voor bent. Pak je bijbel. We gaan ervoor zitten en samen het Woord induiken. Om te beginnen ga ik je een vers voorlezen uit Jozua hoofdstuk 23. Jozua is een oude man geworden. Hij is klaar om te sterven en heeft zijn race uitgelopen. Hij verzamelt de leiders van Israël om zich heen en zegt iets dieps. Dit is Jozua 23:14. Hij zegt: “En zie, ik ga heden de weg van heel de aarde.” Ik ga dood.
“En u weet met heel uw hart en ziel dat er niets van alles wat de Here over u gesproken heeft onvervuld gebleven is. Geen enkel woord ervan is onvervuld gebleven.”
Mijn vriend, op Gods woord kun je vertrouwen. Op Zijn beloftes kun je bouwen. Denk aan dat oude lied: “Ik sta op de beloften van God, ik sta op de beloftes van van Christus, mijn Koning. Vriend, zijn Woord gaat je overeind houden. Jaren geleden las ik een verhaal over een man die naar het noordoosten van de VS verhuisde. Hij was niet gewend aan de strenge winters daar. Hij ging naar een bevroren meer. Dat was nieuw voor hem. Hij was in het zuiden opgegroeid. Zulke winters kende hij niet. Hij dacht: Zal ik op het ijs proberen te lopen? Voorzichtig zet hij een voet op het meer en trekt hem weer terug. Hij gaat voetje voor voetje, in de vrees dat het ijs breekt en hij erdoorheen zakt. Hij waagt zich zo’n zeven pasjes op het meer. Maar niet te ver, zodat hij nog terug kan springen als het gaat kraken. Ineens hoort hij een keihard, knerpend geluid. Hij kijkt opzij en daar liep een weg die op het meer uitkwam. Een vrachtwagen vol boomstammen, helemaal van voor naar achter volgeladen, stak het meer over en ging aan de andere kant de weg weer op. Hij dacht: Hemel, ik dacht dat het ijs me niet zou houden. Terwijl het een vrachtwagen van duizenden kilo’s kon houden. Mijn vriend, je kunt het wagen om op Gods beloftes te gaan staan. Ze kunnen je houden. In Titus staat dat de God die niet kan liegen, het belooft. Het enige doel van een belofte is de vervulling ervan. In Hebreeën 11 staat dat mensen door geloof de beloften hebben verkregen. De beloften waren er al, maar je moet ze verkrijgen. We moeten onszelf in overeenstemming brengen met Gods woord. Amos 3:3 zegt:
“Hoe kunnen twee mensen samen wandelen tenzij ze het eens zijn?”
We moeten het met Gods woord eens worden, ongeacht of we begrijpen hoe Gods beloftes gaan uitkomen of dat we begrijpen hoe God het ooit voor elkaar krijgt. Dat maakt niet uit. Want de Schepper van het heelal kan Zijn woord laten uitkomen. Voor Hem is niets te moeilijk. Je verkrijgt de beloftes dus door geloof. Geloof betekent handelen met het idee dat God eerlijk is. We handelen naar Zijn woord. Als mijn vrouw zegt: Lieverd, zullen we lunchen vandaag? Ik zie je om kwart voor twaalf bij dit restaurant. Dan is het zo. Ik ga haar niet vragen: Weet je het zeker? Ik herinner mezelf eraan en ik sta daar om kwart voor twaalf. Waarom? Omdat mijn vrouw zei dat ze me daar zou zien. Ik ga me er geen zorgen over maken. Vriend, als God iets in Zijn woord zegt, accepteer ik dat gewoon. Ik heb geen bewijzen of tekenen nodig. Zijn woord is genoeg bewijs. Dus wil ik je aanmoedigen om Gods beloftes te leren kennen. Er is een belofte die specifiek op jouw behoefte slaat. Er kijkt nu iemand die voor een onmogelijke opgave staat. Je weet niet wat te doen. Maar God heeft een belofte voor je. Je moet hem vinden en je ermee voeden. Je moet je die belofte eigen maken en je vertrouwen erop stellen. Dat is hoe we God vertrouwen: door op Zijn woord te vertrouwen. Zoek dus een belofte op die op jouw situatie slaat. Lees het in de context, zoek verwijzingen op en raak er bekend mee. En bedenk dat het een belofte is van de God die niet kan liegen. Jaren geleden gaf ik les op onze Bijbelschool. Die les ging over goddelijke genezing. Er was een jonge vrouw die ook lid van onze kerk was. Ze was erg muzikaal en speelde ook in de band. Elke woensdagavond ging ze met de band oefenen. De school bood lessen aan op dinsdag- en donderdagavond. Dinsdagavond gaf ik les over goddelijke genezing. Het was een goed meisje uit een net, christelijk gezin. Maar in het kerkgenootschap waar zij naartoe ging geloofden ze wel heilig in redding en vergeving maar ze had nooit een preek over genezing gehoord. Ze wist niets over God als Geneesheer of over beloftes dat God geneest. Haar was verteld dat dat allemaal niet meer gebeurde. Laat me je iets vertellen. Wat God eigen is valt niet onder een bedeling, oftewel het verandert niet. Als God zegt dat Hij iets is, dan gaat het over Zijn aard. Als Jezus zegt: Ik ben de weg, de waarheid en het leven dan heeft Hij het over Zijn aard. Leven is Zijn aard. Als God in Exodus 15:26 zegt:
“Ik ben Jehova Rapha, Ik ben de Heer die u geneest.”
Ik ben uw Heelmeester. Gods aard is genezing. Dat betekent dat het niet is verdwenen met het verstrijken van de tijd. Wat God van nature is, dat is Hij altijd. Genezing is beschikbaar omdat God een genezende God is. Verder staat de hele Bijbel vol met beloftes van genezing. Je hoeft niet ver te zoeken om ze te vinden. Dus ik zit les te geven en zij zit in de klas. Ze heeft nog nooit zoiets gehoord en denkt: Waar ben ik beland? Maar in plaats van het af te wijzen, was ze als de ‘Bereans’. Ze bestudeerde de Bijbel dagelijks om te kijken of het echt zo was. Elke dinsdagavond daarna kwam ze naar de les. Ze zocht de verzen op die ik had gegeven in de context. Dan zocht ze verwijzingen op en bestudeerde het goed. Ze kwam heel trouw elke dinsdagavond. Soms ging ze pas heel laat naar huis. Ze bestudeerde die beloften, want dat was belangrijk voor haar. Ze had namelijk een grote tumor in haar keel die groter werd. Dat hoorden wij achteraf pas. Maar het ging haar aan vanwege die grote tumor die daar aan het groeien was. Nadat ze anderhalve maand die beloftes had bekeken, zich ermee had gevoed en ze had verteerd. Een oude man zei ooit tegen me: Bayless, het grootste probleem in de kerk is onverteerde theologie. Ik denk dat dat heel waar is. We moeten Gods woord verteren zodat het van ons hoofd in ons hart komt. En daar is concentratie voor nodig. In Spreuken 4 zegt God:
“Sla acht op Mijn woord en laat het niet uit je ogen wijken. Luister naar mijn woord en bewaar ze in je hart. Want het is leven voor wie het vinden en genezing voor heel je gebeente.”
We moeten ze in ons hart bewaren en ze voor ogen blijven houden. Zo verteer je Zijn woord. Dus zij heeft dat zitten doen anderhalve maand lang. Op een woensdagmorgen, toen ze ’s nachts had zitten studeren, troke ze de conclusie, zoals ze me later vertelde. Ze zei hardop: God, ik geloof dit. Dit staat in de Bijbel. Deze beloftes zijn voor mij. Ze zei: Heer, ik vraag U om me nu te genezen. Ik weet niet meer welke belofte ze er toen bijhaalde. Misschien had ze het wel over al die beloftes uit de les bij elkaar. Maar ze omarmde het en zei: God, ik geloof dit nu. Bedankt dat U me aanraakt, in Jezus’ naam. Toen ging ze een paar uur slapen. Die avond daarop hadden we een dienst. Ze was onderweg naar die dienst op woensdagavond. Ze rijdt erheen. Ze zou piano spelen die avond. Onderweg naar de kerk kreeg ze jeuk aan haar keel. Ze zette haar auto aan de kant bij een vreemd huis en begint te hoesten. Ze hoestte de tumor in haar handen op. Ze deed het raam open en gooide hem naar buiten. Toen ging ze naar de kerk en vertelde het aan iedereen. Artsen hebben het toen bevestigd: de tumor was weg. Ze was genezen. Hoe kwam dat? Door de kracht van een belofte. Een belofte die ze omarmde en waar ze iets mee deed. In Handelingen 12 staat een interessant verhaal. Ik ga beginnen met lezen in vers 1.
“Omstreeks die tijd sloeg koning Herodes de hand aan sommigen van de gemeente om hen kwaad te doen. Hij doodde Jakobus, de broer van Johannes, met het zwaard.”
Hij onthoofdde Jakobus, een van de twaalf apostelen.
“Toen hij zag dat het de Joden welgevallig was ging hij verder door ook Petrus te grijpen. Het waren de dagen van de ongezuurde broden.”
“Toen hij die ook gegrepen had, zette hij hem in de gevangenis en gaf hem over aan vier groepen met vier soldaten als bewakers omdat hij hem na het Pascha wilden voorleiden aan het volk.”
Hij gaat hem dus voorleiden en net zo ter dood brengen.
“Petrus werd dus in de gevangenis bewaakt maar door de gemeente werd constant voor hem tot God gebeden.”
Toen Herodes hem zou voorleiden. Herodes gaat Petrus dus voorleiden om te executeren zodat hij ook met een zwaard onthoofd zou worden. Die nacht zat Petrus… te bidden? Riep hij het uit naar God? Maakte hij zich zorgen? Nee, er staat:
“Die nacht sliep Petrus geboeid met twee ketenen tussen twee soldaten. De bewakers voor de deur bewaakten de gevangenis.”
“Zie, er stond een engel van de Heere en er scheen een licht in het vertrek en door Petrus in de zij te porren, wekte hij hem en zei: Sta snel op. Zijn ketenen vielen van zijn handen af.”
Het was een kosmische ontsnapping. Maar denk er even over na: Het is de vooravond van zijn executie. De kerk is aan het bidden en Petrus ligt te slapen. Hij slaapt zo diep dat de engel hem in de zij moet porren om hem wakker te krijgen. Petrus, hoe kun je slapen als de bijl voor je hoofd al klaar ligt? Een van de redenen was dat de kerk bad en God beantwoordt gebed. Er staat nergens dat de kerk bad toen Jakobus werd gearresteerd. Misschien was hij zo’n supermens dat hem niets kon overkomen, dus baden ze niet. Deze keer baden ze wel. Dat hielp natuurlijk ook mee. Maar weet je wat ook meehielp? Petrus had een belofte. Aan het eind van Johannes’ evangelie, in hoofdstuk 21:18 zegt Jezus net voor Zijn hemelvaart tegen Petrus, terwijl alle andere discipelen er ook bij zitten. Johannes 21:18:
“Voorwaar, voorwaar, zeg Ik u: Toen u jonger was omgordde u uzelf en liep u waar u wilde, maar als u oud geworden bent zult u uw handen uitstrekken en een ander zal u omgorden en u brengen waar u niet heen wilt.”
“Dit zei Hij om aan te duiden met wat voor dood hij God verheerlijken zou.”
“Nadat Hij dit gezegd had, zei Hij tegen hem: Volg Mij.”
Jezus heeft Petrus verteld hoe hij doodgaat. Wat er dan gaat gebeuren. En Hij zegt erbij: Dat gebeurt wanneer je oud bent geworden. Terwijl Petrus in de gevangenis zit en Herodes de bijl laat slijpen is Petrus nog niet oud geworden. Dit was niet waar Jezus het over had. Petrus denkt: “Ik ben nog niet oud en ik heb een belofte van Jezus. Waarom zou ik me zorgen maken? Ik hoef zelfs niet te bidden.” “Ik heb een belofte.” En hij rustte daarin. Zo reageerde hij op de belofte. Ik zit op dit moment in een gebouw. Onze kerk zit er in. We hebben verschillende conferentiezalen. We hebben een kinderkerk en allerlei spul buiten, we hebben een prachtige kerk. Maar het was niet makkelijk om hier te komen. We hadden een stuk grond gevonden maar het waren vier percelen met vier verschillende eigenaren. Het zat allemaal aan elkaar vast. Het waren vier eigenaren die in verschillende regio’s woonden. Dus ik ging naar het stadshuis toe om te kijken naar het bestemmingsplan. Er mocht een kerk staan. Dus namen we contact op met de eigenaren. Iedereen dacht dat het niet kon. Toen de gemeente erachter kwam zeiden ze: Dat lukt je niet. Ze gaan je dat nooit verkopen. Ook al mag het van het bestemmingsplan wel. Na een jaar kregen we de vier eigenaren zover om het te verkopen. We kochten de grond, zo’n 73.000 vierkante meter bij elkaar. We waren dolblij. Toen hebben we een jaar lang aan een plan gewerkt. Ik werkte nauw met mensen uit het gemeentehuis samen. We hadden de plannen af om een bouwvergunning te krijgen. Drie dagen na het indienen, kreeg ik een brief van de gemeente. Ze gingen het van ons afpakken en we moesten er meteen uit. Anders zouden ze het ontruimen, ons buitensluiten en het afpakken. Dat was het begin van een lange strijd. Ze hebben ons echt buitengesloten in een ontruimingsprocedure. Zo’n procedure is bedoeld voor bijvoorbeeld drinkwateropslag of het bouwen van een snelweg, iets waar de mensen wat aan hebben die daar in die stad wonen. Dan moet de eigenaar het verkopen aan de gemeente. Ze doen een ontruimingsprocedure en kopen het voor de marktprijs. Maar er kwam daar helemaal geen drinkwateropslag of snelweg. Het was voor een groot warenhuis, dat jullie bijna allemaal wel kennen. Hier in de Verenigde Staten zijn ze in ieder geval bekend. Wat interessant was in dat hele gevecht. We hebben verschillende advocaten in de arm genomen die goed waren. Toen we begonnen zei ik: We verwachten dat jullie je best doen. Maar we vertrouwen niet op jullie, maar alleen op God. We maken ons klaar voor de strijd, maar de overwinning komt van God. We hopen dat Hij jullie gebruikt, maar ons geloof is niet in jullie. Ze zeiden: We nemen het aan, maar je moet wel begrijpen: Niemand in ons land en in jullie positie heeft ooit zo’n zaak gewonnen. Statistisch gezien maak je geen kans. Ze zeiden: Als je dat begrijpt, nemen we het aan. Dat snappen we, zeiden we. We eindigden bij de federale rechtbank, een stapje lager dan het hooggerechtshof. Nadat de rechter beide kanten had aangehoord er waren vijf beschuldigingen in al die rechtszaken en wij werden op al die punten in het gelijk gesteld. De rechter besloot volledig in ons voordeel. Lang verhaal kort we eindigden met meer grond dan we waren begonnen. Nu hadden we 140.000 vierkante meter. Er zijn dus wonderen gebeurd. En we hebben nu een prachtig kerkcomplex. Maar de tijd tussen dat we die grond wilden hebben tot de dag dat we er hadden gebouwd en erin konden, was negen jaar. Het was een behoorlijke achtbaan en we hebben veel gebeden. Maar hier zitten we nu, door Gods gunst en goedheid. Ik deel dit allemaal om een achtergrond te geven. Halverwege die juridische strijd de gevechten in de rechtbank, de media die ons ervan langs gaf. Ze schreven allemaal dingen over ons die niet waar waren. Halverwege had ik een droom van God. Ik droomde over de man die de aanstichter van dit alles was. Noem hem maar de leider. Hij zat hierachter. Hij sleepte alle andere gemeenteraadsleden mee. Hij had de deal gemaakt met dat grote warenhuis. Ik droomde dat ik een kamer binnenkwam waar hij achter een tafel stond. De tafel liep schuin af en hij stond aan de hoge kant. Hij keek me aan en zei: Wil je armpje drukken? Hij was in het voordeel, want hij zat aan de hoge kant. Ik zat hier beneden en hij daarboven. Goed, zei ik. We gingen armpje drukken. Ik won vrij makkelijk. Hij zei: Wil je nog een keer? Goed, zei ik. Ik pakte zijn hand. Hij was in het voordeel en het leek erop dat ik niet kon winnen. Ik versloeg hem. Toen werd ik wakker. Ik moest meteen denken aan de dromen van Farao die door Jozef waren uitgelegd. Jozef zei: Je hebt twee keer hetzelfde gedroomd. God heeft het je twee keer laten zien. Dat is ter bevestiging. Je kunt ervan uitgaan dat het gaat gebeuren. Ik dacht er meteen aan dat God het me twee keer had laten zien. Het was gedaan, we gingen winnen. Toen zaten we er nog middenin. Vanaf die dag heb ik er nooit meer voor gebeden. De kerk bad en er waren bidstonden. Ik heb niemand mijn droom verteld. Maar ik rustte erin. Ik wist dat we gingen winnen. We stonden tegen een overmacht en leken niet te kunnen winnen. Maar God heeft ons overeind gehouden. Financieel. En onze kerk bleef groeien en bleef stevig staan. Zelfs toen er zo negatief in de pers over ons geschreven werd. Het was vreselijk. Ze hadden bijtende kritiek. Steeds weer. Geen weken, geen maanden, maar jarenlang. Maar wij hebben gewonnen. Ik rustte omdat ik een belofte had. Maar beloftes betekenen niet dat er geen problemen komen. Die komen er wel. Maar door een belofte kun je door het probleem heenkijken naar de voorspelde uitkomst. In Handelingen 27 zit de apostel Paulus in een grote storm op een schip. Ze hebben al dagenlang geen zon, maan of sterren gezien. Er was bijna geen hoop meer dat ze gered konden worden. Maar een engel geeft hem een belofte van God. Hij verzamelt de mensen om zich heen terwijl de bliksem nog flitst en de donder nog raast. De regen komt met bakken neer en de wind huilt om hen heen. Er is niks veranderd. Maar Paulus zegt: Ik heb een belofte van God. Ik geloof dat er precies gaat gebeuren wat mij is verteld. Een belofte. We verliezen het schip, maar niet ons leven. We zullen stranden op een eiland en veilig aankomen. Het gebeurde precies op die manier. Gods belofte kwam uit. Volgens het woordenboek is een belofte: Reden voor een hoopvolle toekomst. Ik kan er nog meer over zeggen. Maar laat me je hieraan herinneren: Voordat Jezus gearresteerd werd Zijn schijnproces, geseling en kruisiging zit Hij met Zijn discipelen op de vooravond van Zijn arrestatie. En wat zit Hij te doen? Er staat dat ze liederen zingen. Hoe kan dat, Jezus? Hij weet van dit schijnproces. Hij weet dat mensen over Hem gaan liegen en Hem gaan slaan. Hij weet dat Hij gekruisigd wordt. Maar Hij kent ook de beloftes: Hij kent psalm 16:10, een profetie over Hem:
“Want U zult mijn ziel niet in het graf laten U laat niet toe dat Uw Heilige ontbinding ziet.”
Jezus zei: Net zoals dat Jona drie dagen en nachten in de vis zat net zo zal de Zoon des Mensen drie dagen binnen de aarde zijn. Net zoals dat Jona eruit kwam, kwam Jezus er ook uit. Hij wist dat er een opstanding zou zijn. Dat God in Genesis tegen de vrouw gezegd had: Jouw zaad. De slang zal Zijn hiel verbrijzelen, maar Hij zal zijn kop vermorzelen. Jezus wist dat de mens verlost zou worden dat de kop van de slang vermorzeld zou worden en dat Hij uit de dood zou opstaan. Hij had een belofte. Dus wat deed Hij op de vooravond van Zijn lijden? Hij zingt lofliederen. Vriend, als jij een belofte hebt, kun jij dat ook. Je kunt jezelf ankeren in Gods beloftes. Je kunt rusten in Zijn beloftes. Ik wil tegen je zeggen: Er schuilt kracht in Zijn beloftes. Dit boek staat vol beloftes. Heb een liefdesaffaire met je Bijbel. Dit is er ook een:
“Want ieder die de naam van de Heere aanroept, zal gered worden.”
Mijn vriend, dat ben jij. Roep vandaag Jezus aan en Hij zal je niet afwijzen. Hij komt naar je toe, verandert je leven en geeft je nieuwe hoop. Ik hoop dat je de volgende keer weer kijkt. Tot dan. Gods zegen.
-
mis geen enkele uitzending
Onze service voor jou: we sturen je wekelijks een email met de link naar de nieuwste uitzending.
Breng hoop naar de huiskamers – vooral in deze speciale tijd!
Vooral in onzekere tijden vinden we het een geweldige kans om mensen hoop te geven door Gods Woord.
naar de preektekst
Als je ook regelmatig updates van Bayless wilt ontvangen, vul dan hier je e-mailadres in. Om technische redenen is dit ook nodig als je alleen het script wilt ontvangen.
Geef een reactie