Je winkelmand (0)

Temidden van crisis is God er…

Gaat het niet goed met je? Er zijn momenten in het leven dat je niet weet wat je moet doen. De Bijbel spreekt over God als een sterke toren. Maar hoe kan Hij dat voor jou zijn in jouw situatie? Bayless Conley laat zien hoe God je uit de sterke stromen van de crisis kan tillen naar een vaste rots, en hoe je hulp van Hem kunt vinden in je tijd van nood.

Downloaden als PDF
  • Wat ben ik blij dat je vandaag kijkt. In deze speciale boodschap kreeg ik het gevoel dat er mensen zijn die hiernaar luisteren die in een crisis zitten of komen te zitten, en voor wie dit een antwoord zal zijn. Dus spits je oren en ga ervoor zitten. God zal tot je spreken. Zijn jullie klaar voor het Woord?. Open je bijbel dan maar bij Psalm 61, te beginnen bij vers 1: “Hoor mijn smeken, sla acht op mijn gebed. Van het einde der aarde roep ik U aan, want mijn hart bezwijkt. Breng mij op de rots hoog boven mij. Een toren te sterk voor de vijand.”

    “Laat mij altijd wonen in uw tent, veilig verscholen onder uw vleugels, sela.”

    Dat ‘sela’ betekent: “Rustig aan. Neem even rust”. Denk eerst even na over wat je hebt gelezen over deze eerste vier verzen van Psalm 61. Ik wijs je er eerst op dat David in vers 2 zegt: “Want mijn hart bezwijkt”. Er staat dus niet ‘als’. Soms voelen we allemaal dat het water van die vloed onze ziel binnen stroomt. Ik besef dat er mensen zijn die over meer ontwikkelde geestelijke bronnen beschikken. Die mensen zijn tegen heftigere aanvallen en moeilijkere omstandigheden bestand. Maar het is wel zo dat we allemaal weleens voor situaties staan die groter zijn dan wijzelf, voor situaties die we niet aankunnen met onze eigen kracht en energie. Dingen die te moeilijk zijn om zelf te hanteren. Neem deze woorden van Paulus in 2 Korintiërs 1:8-9: “Want wij willen dat u weet hebt van onze verdrukking, die ons in Asia overkomen is: dat wij het uitermate zwaar te verduren hebben gekregen, boven ons vermogen. Wij hadden voor ons eigen besef het doodvonnis zelf al ontvangen. En wij vertrouwden niet op onszelf maar alleen op God, Die de doden opwekt.”

    Dus Paulus zei zelf: “We wisten niet wat we moesten doen. We waren wanhopig”. Maar gelukkig leerde hij een prachtige les, die God ons ook wil leren dat als we ons verpletterd en overweldigd voelen, we alleen op Hem vertrouwen als we zelf niet de middelen hebben om de dingen aan te pakken. In Psalm 61 treffen we drie figuren aan die God inzet om Zijn hulp en bescherming aan te tonen. Om te beginnen is er de toevlucht. Ten tweede een sterke toren. En ten derde spreekt Hij van Zijn tent. Toevlucht, sterke toren, tent. Die staan allemaal voor Gods steun in onze angst en Zijn middelen om ons te beschermen. Maar deze drie zaken onthullen ook de potentiële oorzaken van een bezwijkend hart. En dat zijn de volgende: rampen, weloverwogen aanvallen, en kruispunten. Al die zaken gaan we vandaag behandelen. Om te beginnen: rampen. Daar beschermt een toevluchtsoord ons tegen. Regen, overstromingen, ongelukken; we leven immers in een gevallen wereld. Niet alles in de wereld functioneert zoals God het oorspronkelijk had bedoeld. Hij zal een nieuwe hemel en aarde maken waarin gerechtigheid woont. Waar de Koning der koningen regeert en waar alles volmaakt en goed zal zijn. Maar intussen leven we wel in een gevallen wereld. Soms gebeuren er rampen en onverwachte dingen. Een halfjaar geleden werd m’n zwager opgenomen voor een rugoperatie. Er waren complicaties en hij stierf tijdens de operatie. Niemand had het zien aankomen; de hele familie stortte in. We hadden zelfs geen afscheid kunnen nemen. Het was totaal onverwacht en vreselijk schokkend. Ik denk aan m’n vader die nu een paar jaar in de hemel is. Hij was een van de vrijgevigste mensen die ik ken, maar hij was niet spilzuchtig. M’n vader had er de grootste moeite mee om dingen weg te gooien. Zelfs over etenswaren die ik niet meer zou aanraken, zei hij: “Je schraapt dit er gewoon even af en dan is het nog best eetbaar”. Hij vond het gewoon moeilijk om dingen weg te gooien. Hij had de Grote Depressie meegemaakt. Toen hij klein was, raakten z’n ouders twee keer alles kwijt door overstromingen. Hun huis en alles wat ze maar bezaten. Op een keer werden ze van het dak van hun huis gered door iemand in een roeiboot. Het was een traumatische ervaring die diepe indruk op hem maakte. Het is voor een kind overweldigend om maar liefst tweemaal alles kwijt te raken. Dat liet z’n sporen na in pa, sporen die hij als volwassene nog steeds droeg. Ten tweede die opzettelijke aanvallen waartegen de sterke toren ons beschermt. Er staat: “U bent een sterke toren tegen de vijand”. We hebben een vijand, met wie we een geestelijke strijd voeren. Efeziërs 6:11-12: “Bekleed u met Gods wapenrusting om weerstand te bieden tegen de duivel. Want we hebben de strijd niet tegen vlees en bloed, maar tegen de wereldbeheersers van de duisternis tegen de kwade geestelijke machten in de hemelse gewesten.”

    1 Petrus 5:8:

    “Wees waakzaam. Want uw tegenpartij, de duivel, gaat rond als een brullende leeuw op zoek naar een prooi.”

    Ik geef echt niet altijd de duivel de schuld. Maar we hebben wel een vijand. En sommige problemen zijn het gevolg van zijn activiteiten. Hij is tegen de Kerk, tegen Gods volk. Het rijk van de geest bestaat. In de Bijbel blijkt satan soms achter ziekten te zitten. Hij blijkt achter tragedies, vervolgingen en onderdrukking te zitten. Dat doet hij nog steeds. “De dief komt om te stelen, slachten en vernietigen”. Sommige dingen die wij meemaken, zijn letterlijk opzettelijke aanvallen; de uitkomst van de bezigheden van de vijand. En dan komen we bij de derde: het kruispunt. Je staat op een kruispunt in je leven en weet niet welke afslag je moet nemen. Je voelt je overweldigd terwijl je nadenkt over welke keuze je moet maken. Dat verwijst naar Zijn tent. Naar dat: “Laat mij in Uw tent verblijven”. Het wordt de Tent van ontmoeting genoemd; daar ga je God ontmoeten. De plek waar je raad, aanmoediging en troost van Hem ontvangt. De plek waar Gods aanwezigheid Zich manifesteerde, onder het Oude Testament. De afgelopen anderhalf, twee jaar heb ik talloze mensen in de kerk gesproken die op een kruispunt in hun leven stonden. Die vertelden me dat ze zich niet wilden laten vaccineren tegen covid, maar hun werkgever zei dat ze dan ontslagen zouden worden. Die zeiden: “Moet ik dan maar m’n geweten schenden en me laten vaccineren? Of moet ik op God vertrouwen voor een andere baan?”. Nooit zomaar oordelen over iemands geweten; in de Bijbel is het iets heiligs. Je geweten schenden is zondig. Sta niet zo snel met een oordeel klaar over iemands geweten. Sommige mensen worstelen echt. Of ouders komen erachter dat hun kind van zeven op school onverbloemd seksueel materiaal krijgt voorgelegd; zaken die totaal ingaan tegen de traditionele, Bijbelse moraal. Stel, een alleenstaande moeder zegt: “Ik kan geen privéschool betalen. Ik wil hem wel thuis lesgeven, maar ik moet werken. Anders kunnen we de huur niet betalen en niet eten. Wat moet ik doen?”. Dat zijn lastige situaties om in te zitten. Om op een kruispunt in je leven te staan kan soms absoluut overweldigend zijn. Maar Godzijdank hebben wij een Tent waarin we God kunnen ontmoeten. Het goede nieuws is dat God een remedie heeft voor iedereen. Hij kan ons beschutten bij rampen, Hij is een sterke toren tegen de vijand. Hij heeft een Tent waar wij Hem kunnen ontmoeten en leiding, troost en kracht ontvangen in tijden van nood. En je hoeft niet ver te zoeken naar Zijn tent. Wedergeborenen zijn die tent. 1 Korintiërs 3:16: “Weet u niet dat u Gods tempel bent en dat de Geest van God in u woont?”

    We hebben net Psalm 61 gelezen. Er ging iets vooraf aan die verwijzingen naar toevluchtsoord, sterke toren en tent. Terug naar vers 1: “O God, luister naar mijn roepen en mijn gebed. Van het einde van het land roep ik tot U nu mijn hart bezwijkt; leid mij op een rots die voor mij te hoog is.”

    “Van het einde van het land roep ik tot U.” Als ik me ver weg van U voel. Zo ver van alle hulp als maar kan. Geïsoleerd, eenzaam en in de steek gelaten. Dan zal ik U aanroepen en bidden. Het opent met een algemene kreet om hulp. Maar uiteindelijk wordt het heel specifiek. Het mondt hierin uit: “Nu mijn hart bezwijkt leid mij op een rots die voor mij te hoog zou zijn”. Een paar jaar terug dacht ik eens verder door op Psalm 61. Ik had de tekst keer op keer gelezen. Die avond ging ik met Psalm 61 in m’n hoofd naar bed. Met die gedachte viel ik in slaap. ’s Ochtends werd ik wakker van een stem; het bleek m’n eigen stem te zijn. Ik had mezelf wakker gepraat. Ik bleef maar herhalen: “Ik moet iets zien en ik moet iets doen”. Ik keek om me heen om te zien wie er sprak, terwijl het uit m’n eigen mond kwam. “Ik moet iets zien en ik moet iets doen”. “Leid mij op een rots die voor mij te hoog zou zijn”. Daar gaat het om: God, breng me naar een plek vanwaar ik verder kan zien. Leid me naar een hogere rots. Ik heb een nieuw perspectief nodig. Toen David zei: “Leid mij op een rots die voor mij te hoog zou zijn” was dat een smeekbede voor meer begrip. Een nieuwe openbaring over Gods doelen. Of de ware aard van de situatie. Of zicht op je eigen motieven of die van anderen. Neem deze verzen in Mattheüs 16, vers 13-18: “Toen Jezus gekomen was in het gebied van Caesarea Filippi, vroeg Hij: Wie zeggen de mensen dat Ik ben? Zij zeiden: Sommigen: Johannes de Doper, en anderen: Elia of Jeremia. Hij zei tegen hen: Maar u, wie zegt u dat Ik ben? Simon Petrus antwoordde: U bent de Christus, de Zoon van de levende God. Jezus antwoordde en zei tegen hem: Zalig bent u, Simon Barjona, want vlees en bloed hebben u dat niet geopenbaard. Maar Mijn Vader in de hemel. En Ik zeg u ook dat u Petrus bent, en op deze rots bouw Ik Mijn gemeente, en de poorten van de hel zullen haar niet overweldigen.”

    Op deze rots bouw Ik. De rots van de openbaring van Jezus als Gods Zoon. Hij was niet zomaar een goede man, goeroe of symbool. Hij was en is voor altijd de levende Zoon van God. Dat is de rots waar God Zijn gemeente op bouwt. En wie die openbaring niet heeft, maakt geen deel uit van het lichaam van Christus. Je wordt immers ook geen auto door in een garage te gaan zitten. Jezus zei dat je opnieuw geboren moet worden. Dat gebeurt alleen wanneer iemand een openbaring heeft. “Vlees en bloed hebben u dat niet geopenbaard, maar Mijn Vader in de hemel. En op deze rots van de openbaring zal Ik Mijn gemeente bouwen”. Als je hart bezwijkt, moet je iets zien. Dan heb je een nieuw perspectief, een nieuwe openbaring van de Vader nodig. In ons gevecht met de afdeling bouw- en woningtoezicht haalde de gemeente het onteigeningsrecht van stal. Toen richtte ik een smeekbede tot God. God bracht me naar een hogere rots. Ik zag dingen waardoor m’n leven veranderde. En wat zag ik? Om te beginnen zag ik dat God geen haast heeft. Hij handelt in overeenstemming met Zijn eigen wil. Gods aanpak werkt vanuit een verreikend perspectief, terwijl ik meer gericht ben op wat dichtbij is. Ik zag ook dat God op veel grotere schaal bezig wilde zijn en ons leven wilde weven tot een plan om grote menigten zegen te brengen. Ik en m’n noden zijn belangrijk voor God, maar ze zijn geen hoofdzaak. God leidde me naar een hogere rots, en daar ben ik voorgoed door veranderd. Het was heel belangrijk dat ik dat zag. Hoe kom je bij die hogere rots? David smeekte erom: “Leid mij op een rots die voor mij te hoog is”. Hij zal je leiden naar een plek waar je hoort wat je moet horen. Als jij je overweldigd voelt, is God een toevlucht, een toren en een tent. Maar overeind blijft dat jij iets moet zien. Luister: je moet iets zien en je moet iets doen. Lucas 6:46-49: “Waarom noemt u Mij: Heer, Heer, en doet niet wat Ik zeg? Ieder die Mijn woorden hoort en ze doet, Ik zal u laten zien aan wie hij gelijk is. Hij is als een man die een huis bouwt: hij groef en diepte uit en legde het fundament op de rots. Toen de vloed kwam, sloeg de stroom tegen dat huis aan. Maar dat wankelde niet, want het was op de rots gefundeerd. Maar wie ze gehoord en niet gedaan zal hebben is gelijk een man die een huis bouwt zonder fundament. Toen de stroom ertegenaan sloeg, stortte het in, en de val van dat huis was groot.”

    Bescherming tegen krachten die ons zouden vernietigen is het directe resultaat van onze gehoorzaamheid door iets te doen. Als ik me overweldigd voel en de vloed m’n ziel binnen stroomt moet ik iets zien en moet ik iets doen. In jouw omstandigheden van nu moet je iets zien en je moet iets doen. Als het om ongehoorzaamheid gaat over iets waarover God je al heeft aangesproken, doe dat dan meteen. Toen wij op ons terrein in Sausalito aan het bouwen waren hadden we die lap grond gekocht. Ik zat bij die gemeenteraadsvergadering om een vergunning te krijgen voor een kerk. Er waren twee raadsleden die faliekant tegen ons waren. Het draaide uit op: “Dit ziet er niet goed uit.”. Uiteraard was ik teleurgesteld. De volgende dag verscheen de streekkrant waarin die twee raadsleden werden aangevallen omdat ze God zouden haten. Ik dacht eerst: “Ja, kruisig die twee maar.”. M’n vlees voelde zich er goed bij, maar m’n hart zei iets anders. M’n hart zei dat dit niet de aanpak van de Heer was. Ik vroeg God me te zeggen wat ik moest doen. Die dag ging ik naar het stadhuis en vroeg of die twee er waren. Ik zei tegen de secretaresse dat ik het artikel had gelezen en tegen de raadsleden wilde zeggen dat ik het heel erg vond. Ik vond dat ze oneerlijk behandeld waren; ze haten God vast niet en ik was het niet eens met wat de krant schreef. Daarna werden onze twee tegenstanders degenen die echt voor ons opkwamen; zij drukten die bouwvergunning er echt voor ons door. God leidde me naar een hogere rots. We moeten doen wat de Heer ons opdraagt. Ik kreeg een brief van iemand die in een slecht huwelijk zat met een wreed mens. Ze smeekte God haar te vertellen wat te doen en zag toen Cottonwood Church op tv. Ik preekte over Lucas 6:38: “Geef en aan u zal gegeven worden: een goede, vastgedrukte, geschudde, overlopende maat.”

    Meestal wordt dat aangehaald in verband met geld, maar in de context gaat het over liefde, vergevingsgezindheid en vriendelijkheid tegenover mensen die je haten. Als je dat doet, krijg je een vastgedrukte, overlopende maat terug, belooft Jezus. Zij dacht: “Dat is het.”. Ze schreef: “Ik heb m’n man vriendelijk en liefdevol behandeld en er is een wonder geschied. God heeft m’n man veranderd; ons huwelijk is totaal omgeslagen.”. God zal je leiden. “Leid me naar een rots die te hoog voor mij zou zijn, God.”. Geef me een nieuw perspectief; laat me zien wat ik moet doen. Als je je overweldigd voelt, zal God je helpen; Hij houdt werkelijk van je. Allemaal worstelen we weleens met bergen en diepe zeeën. Maar gelukkig wordt God nooit overvallen; Hij zorgt ruim op tijd voor voorzieningen. God houdt voor de oprechten wijsheid gereed; die houdt Hij niet bij ons weg. Hij heeft een weg voor je. God ziet je hart en je situatie. Hij houdt van je en wil je helpen. Als jij uit de grond van je hart vraagt om een nieuw perspectief dan zal Hij dat doen. Wij dienen de trouwe God.

  • Geef een reactie

    Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Vond je de uitzending fijn?

Stuur het dan door of deel het op sociale media om anderen ook te bemoedigen!

Ook interessant voor jou?
artikelen

God is je helper in tijden van nood…

uitzending

Wat draagt jou in moeilijke tijden? – Filippenzen

Product

Waar is God als het moeilijk is?

Steun ons werk

Breng hoop naar de huiskamers – vooral in deze speciale tijd!

Vooral in onzekere tijden vinden we het een geweldige kans om mensen hoop te geven door Gods Woord.